Art. 55 Wet IB 2001
Wettekst
Artikel 5.5 — Heffingvrij vermogen
1. Het heffingvrije vermogen bedraagt € 18 146.
2. Op gezamenlijk verzoek van de belastingplichtige en zijn partner wordt het heffingvrije vermogen van de belastingplichtige verhoogd tot € 36 292 en het heffingvrije vermogen van de partner verminderd tot nihil. Het verzoek wordt gedaan bij de aangifte van de belastingplichtige. Op het verzoek kan niet worden teruggekomen.
3. Indien de belastingplichtige of zijn partner aan het einde van het kalenderjaar als ouder het gezag uitoefent over een minderjarig kind, wordt het in het eerste lid genoemde bedrag van € 18 146 of het in het tweede lid genoemde bedrag van € 36 292 per minderjarig kind verhoogd met € 2 422. Indien de belastingplichtige een partner heeft, geldt de in de eerste volzin bedoelde verhoging slechts ten aanzien van een van hen; de verhoging wordt toegepast bij de oudste, behoudens ingeval zij gezamenlijk anders verzoeken. Op een verzoek als bedoeld in de tweede volzin kan niet worden teruggekomen.
Jurisprudentie
Nog geen gepubliceerde uitspraken over art. 55.
