Art. 337 Wet IB 2001
Wettekst
Artikel 3.37 — Mogelijkheid verplichte verklaring bij willekeurige afschrijving
1. Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de willekeurige afschrijving op arbo-bedrijfsmiddelen, T&O-bedrijfsmiddelen of andere aangewezen bedrijfsmiddelen alleen van toepassing is indien op een door de belastingplichtige gedaan verzoek door Onze eerstgenoemde Minister is verklaard dat sprake is van een aangewezen bedrijfsmiddel. Bij die regeling kunnen tevens nadere regels worden gesteld met betrekking tot de verklaring.
2. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder Onze eerstgenoemde Minister verstaan Onze Minister die als eerste is genoemd in het artikel dat de aanwijzingsbevoegdheid met betrekking tot de desbetreffende bedrijfsmiddelen bevat en bij de andere aangewezen bedrijfsmiddelen Onze Minister van Economische Zaken respectievelijk Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
3. Tegen de in het eerste lid bedoelde verklaring staat beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Tegen een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven kunnen de belanghebbende en Onze eerstgenoemde Minister beroep in cassatie instellen ter zake van schending of verkeerde toepassing van het eerste lid met betrekking tot het begrip bedrijfsmiddelen. Op dit beroep zijn de voorschriften betreffende het beroep in cassatie tegen uitspraken van de gerechtshoven inzake beroepen in belastingzaken van overeenkomstige toepassing, waarbij het College van Beroep voor het bedrijfsleven de plaats inneemt van een gerechtshof.
Jurisprudentie
Nog geen gepubliceerde uitspraken over art. 337.
