← Awb
Formeel recht & invorderingNL

Art. 344 Awb

Algemene wet bestuursrecht ·

Wettekst

Artikel 3:44

1. Van besluiten die zijn voorbereid met toepassing van de procedures van afdeling 3.5 , wordt tegelijkertijd met de bekendmaking mededeling gedaan aan de betrokken andere bestuursorganen.

2. Uiterlijk twee weken na de bekendmaking doet het bestuursorgaan mededeling van het besluit: a. met overeenkomstige toepassing van artikel 3:19, tweede lid , en b. door toezending van een exemplaar van het besluit aan degenen die tegen het ontwerp van het besluit bedenkingen hebben ingebracht.

3. In afwijking van het tweede lid, onderdeel b , kan het bestuursorgaan: a. indien de omvang van het besluit daartoe aanleiding geeft, volstaan met een ieder van de daar bedoelde personen de strekking van het besluit en hetgeen omtrent zijn bedenkingen is overwogen, mee te delen; b. indien een bedenking door meer dan vijf personen is ingebracht bij hetzelfde geschrift, volstaan met toezending van een exemplaar aan de vijf personen wier namen en adressen als eerste in dat geschrift zijn vermeld; c. indien een bedenking is ingebracht door meer dan vijf personen bij hetzelfde geschrift en de omvang van het besluit daartoe aanleiding geeft, volstaan met het meedelen aan de vijf personen wier namen en adressen als eerste in dat geschrift zijn vermeld, van de strekking van het besluit en van hetgeen omtrent hun bedenkingen is overwogen; d. indien mededeling zou moeten geschieden aan meer dan 250 personen, die mededeling achterwege laten.

4. Bij de bekendmaking en bij de mededelingen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, vermeldt het bestuursorgaan tevens: a. het tijdstip waarop een exemplaar van het besluit ter inzage is gelegd en de uren waarop en de plaats waar de stukken ter inzage liggen; b. of in het besluit wijzigingen zijn aangebracht ten opzichte van het ontwerp; c. indien toepassing is gegeven aan het derde lid, dat zulks is geschied, onder vermelding van de redenen daarvoor.

5. Indien toepassing is gegeven aan het derde lid, kunnen degenen die bedenkingen tegen het ontwerp van het besluit hebben ingebracht, het bestuursorgaan verzoeken hun een exemplaar van het besluit toe te zenden. De mogelijkheid hiertoe wordt bij de mededeling van het besluit overeenkomstig het tweede en derde lid vermeld. Aan het verzoek wordt binnen twee weken voldaan, tenzij het bestuursorgaan van mening is dat de toezending redelijkerwijs niet kan worden verlangd.

6. Gedurende zes weken vanaf de dag waarop een exemplaar van het besluit ter inzage is gelegd, kunnen de stukken worden ingezien tijdens de werkuren. Tevens kunnen de stukken gedurende die periode desgevraagd ten minste gedurende drie aaneengesloten uren per week buiten de werkuren worden ingezien. Op verzoek wordt binnen die termijn een kosteloze mondelinge toelichting verstrekt. Tegen vergoeding van ten hoogste de kosten wordt afschrift van de ter inzage gelegde stukken verstrekt.

7. Het tweede lid, onderdeel a , - voor zover dit betreft de toepassing van artikel 3:19, tweede lid, onderdelen b en c , - en het zesde lid, tweede volzin, blijven buiten toepassing ten aanzien van een besluit inhoudende de afwijzing van een verzoek tot het nemen van een besluit als bedoeld in artikel 3:30, eerste lid , indien het besluit niet is voorafgegaan door een mededeling als bedoeld in dat lid.

  • Contact
  • Terms & Conditions
  • Privacy Policy
© 2026 Argus Tax
Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkort
Praktijkgebieden▾
Indirect
Omzetbelasting (BTW)AccijnzenMilieubelastingenDouaneKansspelbelasting
Direct
VennootschapsbelastingInkomstenbelastingDividendbelastingBronbelastingMinimumbelasting (GloBE)
Loon & inhouding
LoonbelastingOverdrachtsbelastingSchenk- en erfbelastingBPM / AutobelastingenToeslagen
Formeel & overig
Formeel rechtVerrekenprijzenStaatssteunOverig
ContactAccount
Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkortPraktijkgebieden
ContactAccount
Geconsolideerde brontekst ter informatie; aan deze weergave kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg de officiële versie op wetten.overheid.nl.

Jurisprudentie

Nog geen gepubliceerde uitspraken over art. 344.