Commission Regulation (EC) No 594/2003 of 31 March 2003 re-establishing the preferential customs duty on imports of small-flowered roses originating in Israel
Avis juridique important
32003R0594
Verordening (EG) nr. 594/2003 van de Commissie van 31 maart 2003 tot wederinvoering van het preferentiële douanerecht bij invoer van kleinbloemige rozen van oorsprong uit Israël
Publicatieblad Nr. L 083 van 01/04/2003 blz. 0064 - 0065
Verordening (EG) nr. 594/2003 van de Commissie van 31 maart 2003 tot wederinvoering van het preferentiële douanerecht bij invoer van kleinbloemige rozen van oorsprong uit Israël DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 4088/87 van de Raad van 21 december 1987 tot vaststelling van de voorwaarden voor de toepassing van preferentiële douanerechten bij invoer van bepaalde producten van de bloementeelt van oorsprong uit Cyprus, Israël, Jordanië, Marokko alsmede de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1300/97(2), inzonderheid op artikel 5, lid 2, onder b), Overwegende hetgeen volgt: (1) Bij Verordening (EEG) nr. 4088/87 zijn de voorwaarden vastgesteld voor de toepassing van een preferentieel douanerecht op grootbloemige rozen, kleinbloemige rozen, eenbloemige anjers (standaard) en veelbloemige anjers (tros) binnen de tariefcontingenten die jaarlijks worden geopend voor de invoer van verse snijbloemen in de Gemeenschap. (2) Bij Verordening (EG) nr. 747/2001 van de Raad(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 209/2003 van de Commissie(4), zijn communautaire tariefcontingenten geopend en is de wijze van beheer daarvan vastgesteld voor bloemen, bloesems en bloemknoppen, vers, van oorsprong uit Cyprus, Egypte, Israël, Malta, Marokko, de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. (3) Bij Verordening (EG) nr. 590/2003 van de Commissie(5) zijn de communautaire productie- en invoerprijzen voor anjers en rozen in het kader van de betrokken regeling vastgesteld. (4) De uitvoeringsbepalingen van de betrokken regeling zijn vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 700/88 van de Commissie(6), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2062/97(7). (5) Voor kleinbloemige rozen van oorsprong uit Israël werd het bij Verordening (EG) nr. 747/2001 ingestelde preferentiële douanerecht geschorst bij Verordening (EG) nr. 488/2003 van de Commissie(8). (6) Uit de waarnemingen die overeenkomstig het bepaalde in de Verordeningen (EEG) nr. 4088/87 en (EEG) nr. 700/88 zijn verricht, moet geconcludeerd worden dat de in artikel 2, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 4088/87 bedoelde voorwaarden vervuld zijn voor een wederinvoering van het preferentiële douanerecht voor kleinbloemige rozen van oorsprong uit Israël. Derhalve is het nodig het preferentiële douanerecht opnieuw in te voeren. (7) De Commissie dient, in de periode tussen de vergaderingen van het Comité van beheer voor levende planten en producten van de bloementeelt, deze maatregelen vast te stellen, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 1. Voor de invoer van kleinbloemige rozen (GN-code ex 0603 10 10 ) van oorsprong uit Israël wordt het bij de gewijzigde Verordening (EG) nr. 747/2001 vastgestelde preferentiële douanerecht opnieuw ingevoerd. 2. Verordening (EG) nr. 488/2003 wordt ingetrokken. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op 1 april 2003. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat. Gedaan te Brussel, 31 maart 2003. Voor de Commissie J. M. Silva Rodríguez Directeur-generaal Landbouw (1) PB L 382 van 31.12.1987, blz. 22. (2) PB L 177 van 5.7.1997, blz. 1. (3) PB L 109 van 19.4.2001, blz. 2. (4) PB L 28 van 4.2.2003, blz. 30. (5) Zie bladzijde 55 van dit Publicatieblad. (6) PB L 72 van 18.3.1988, blz. 16. (7) PB L 289 van 22.10.1997, blz. 1. (8) PB L 72 van 18.3.2003, blz. 22.
