← Terug naar wetgeving
VerordeningEU

COMMISSION REGULATION (EC) No 1984/95 of 10 August 1995 imposing a provisional anti-dumping duty on imports of powdered activated carbon originating in the People' s Republic of China

Geconsolideerde brontekst ter informatie; aan deze weergave kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg de officiële versie op EUR-Lex.
Open officiële versie ↗Ontwikkelingen in de feed →

Avis juridique important

|

31995R1984

VERORDENING (EG) Nr. 1984/95 VAN DE COMMISSIE van 10 augustus 1995 tot vaststelling van een voorlopig anti-dumpingrecht op de invoer van actieve kool in poedervorm van oorsprong uit de Volksrepubliek China

Publicatieblad Nr. L 192 van 15/08/1995 blz. 0014 - 0024


VERORDENING (EG) Nr. 1984/95 VAN DE COMMISSIE van 10 augustus 1995 tot vaststelling van een voorlopig anti-dumpingrecht op de invoer van actieve kool in poedervorm van oorsprong uit de Volksrepubliek China

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 3283/94 van de Raad van 22 december 1994 inzake beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1251/95 (2), inzonderheid op artikel 23,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2423/88 van de Raad van 11 juli 1988 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Economische Gemeenschap (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 522/94 (4), inzonderheid op artikel 11,

Na overleg van het Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A. PROCEDURE

(1) In september 1993 ontving de Commissie een klacht die was ingediend door de Europese Raad van de Bonden van de Chemische Nijverheid (hierna "Cefic" genoemd) namens de producenten van de Gemeenschap die naar beweerd het grootste gedeelte van de produktie in de Gemeenschap van actieve kool in poedervorm voor hun rekening nemen.

De klacht bevat het bewijsmateriaal van dumping van het bedoelde produkt van oorsprong uit de Volksrepubliek China en van de hieruit voortvloeiende aanmerkelijke schade. Dit werd voldoende geacht om de inleiding van de procedure te rechtvaardigen.

(2) De Commissie kondigde door middel van een bericht in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen (5) de inleiding aan van een anti-dumpingprocedure met betrekking tot de invoer van actieve kool in poedervorm van oorsprong uit de Volksrepubliek China en leidde een onderzoek in.

(3) De Commissie bracht de naar bekend betrokken exporteurs en importeurs alsmede de vertegenwoordigers van het exporterende land officieel op de hoogte van de inleiding van de procedure en stelde de betrokken partijen in de gelegenheid, hun standpunten schriftelijk kenbaar te maken en te verzoeken te worden gehoord.

(4) De vertegenwoordigers van slechts één Chinese exporteur, Shanghai Chemicals Import & Export Corporation, Shanghai, verzochten te worden gehoord, hetgeen hun werd toegestaan en maakten hun standpunten schriftelijk bekend. Ook de vertegenwoordigers van verschillende importeurs van het betrokken produkt werden hoorzittingen toegestaan en ook zij maakten hun standpunt schriftelijk kenbaar.

(5) Vertegenwoordigers van Cefic verzochten te worden gehoord, hetgeen hun werd toegestaan en maakten eveneens hun standpunten schriftelijk kenbaar.

(6) Eén Gemeenschapsproducent die de klacht niet mede had ondertekend, VCA Srl Monopoli, Italië, maakte ook zijn standpunten schriftelijk kenbaar, maar vulde de vragenlijst van de Commissie niet in een verzocht evenmin te worden gehoord.

(7) De Commissie verzamelde en verifieerde alle gegevens die zij voor een voorlopige vaststelling noodzakelijk achtte en verrichte onderzoekingen ten kantore van:

a) Gemeenschapsproducenten:

- CECA SA, Parijs, Frankrijk,

- Chemviron Carbon, Brussel, België,

- Norit NV, Amersfoort, Nederland;

b) Importeurs/verdelers:

- Duitsland:

- Europe Asia International Trade Development GmbH, Hamburg,

- Lurgi Aktivkohle GmbH, Frankfurt-am-Main;

- Italië:

- Camel Chemicals SpA, Milaan,

- Carboclean SpA, Milaan,

- Hydro-line SpA, Milaan.

De Commissie ontving ook gegevens van twee andere importeurs in de Gemeenschap die de desbetreffende vragenlijst invulden en zij maakte van deze gegevens gebruik.

(8) Er werden vragenlijsten gestuurd aan zes bekende exporteurs in de Volksrepubliek China en aan twee bedrijven in Hong-Kong, die naar bekend handel dreven in Chinese actieve kool. Alleen Shanghai Chemicals Import & Export Corporation vulde de vragenlijst van de Commissie in. Andere Chinese exporteurs dan wel Hongkongse handelsmaatschappijen verleenden geen medewerking.

(9) Omdat de Verenigde Staten van Amerika als "analoog land" werden gebruikt met het oog op de berekening van de normale waarde (zie overweging 23 e. v.) bezocht de Commissie aldaar twee producenten van actieve kool in poedervorm. Beide bedrijven verlangden evenwel, dat hun namen niet bekend zouden worden gemaakt.

(10) Het dumpingonderzoek besloeg de periode van 1 januari tot 31 december 1993 (hierna de "onderzoekperiode" genoemd).

B. ONDERZOCHT PRODUKT

1. Beschrijving van het betrokken produkt

(11) Het betrokken produkt is actieve kool in poedervorm (hierna "AKP" genoemd). Het wordt vervaardigd uit een aantal grondstoffen zoals kolen, turf, bruinkool, hout, pitten van olijven of schalen van kokosnoten die in de Gemeenschap, de Volksrepubliek China en de Verenigde Staten met stoom of door een chemisch proces worden geactiveerd.

(12) Met stoom geactiveerde kool wordt in twee stadia vervaardigd. Eerst wordt de grondstof (kolen, turf, enz.) verkoold en wordt cokes geproduceerd. Het volgende stadium bestaat uit reactivering van het halffabrikaat met stoom om zo de poriënwanden te doen uitzetten. Door dit proces kan de structuur van de poriën gemakkelijk worden veranderd en de kool kan voor verschillende doeleinden worden aangepast.

(13) Chemisch geactiveerde kool wordt vervaardigd door een chemische stof te vermengen met een koolstofhoudend materiaal (gewoonlijk hout) en het resulterende mengsel te verkolen. De chemische stoffen die gewoonlijk worden gebruikt, zijn fosforzuur of zinkchloride; zij doen de grondstof zwellen en leggen de interne structuur ervan open. Het gebruik van zinkchloride als activator is echter in de Gemeenschap stopgezet en de chemische activering vindt thans plaats met fosforzuur. Deze ontwikkeling is terug te voeren op milieuredenen en op de kosten (activering met zinklchloride is duurder dan activering met fosforzuur). De bedrijven in de Verenigde Staten die aan het onderzoek van de Commissie hebben meegewerkt, gebruiken ook fosforzuur bij de produktie van chemisch geactiveerde AKP. Uit de gegevens van medewerkende importeurs is evenwel gebleken dat chemisch geactiveerd AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China hoofdzakelijk met zinkchloride is geactiveerd (al werd vastgesteld dat sommige Chinese exporteurs AKP naar de Gemeenschap uitvoerden, die met fosforzuur was geactiveerd).

(14) Door wijziging van de basisproduktieprocessen of door stoom en chemisch geactiveerde AKP te mengen tot "mengsels", kunnen verschillende soorten AKP worden geproduceerd. Het eindprodukt worden uiteenlopende technische eigenschappen of hoedanigheden verleend, waardoor het voor bepaalde toepassingen geschikter dan andere produkten wordt. Al deze verschillende typen AKP worden hierna "soorten" genoemd. AKP wordt hoofdzakelijk gebruikt bij de waterzuivering, bij de behandeling van afvalwater en ook in de voedingsindustrie, de chemische en de farmaceutische industrie en voor de adsorptie van kleuren en onzuiverheden.

(15) Voor de verwijdering van kleine moleculen uit oplossingen (b.v. bij de waterzuivering) behoeft de poriënstructuur van kool niet in dezelfde mate te worden opengelegd als voor de verwijdering van kleurmoleculen (b.v. uit suikeroplossingen). Daaruit vloeit voort, dat de opening van de poriënstructuur duurder is, naarmate de opbrengst daalt en extra warmte noodzakelijk is. Kool voor waterbehandeling is bijgevolg goedkoper dan kool voor ontkleuring van suiker en de gebruikers kiezen daarom zorgvuldig het soort kool dat qua kosten voor een bepaalde toepassing het doelmatigste is.

(16) Actieve kool bestaat in korreljes en pellets (geëxtrudeerd) maar deze produkten worden in onderhavige procedure niet behandeld, omdat hiervoor een ander produktieproces nodig is en zij voor andere toepassingen worden gebruikt. Bovendien is voor deze andere vormen van actieve kool geen anti-dumpingklacht ingediend.

(17) De Commissie heeft vastgesteld, dat AKP weliswaar van verschillende grondstoffen kan worden vervaardigd, dat er verschillende soorten AKP zijn en dat het produkt voor vele doeleinden kan worden gebruikt, maar de belangrijkste hoedanigheden evenwel in beginsel dezelfde zijn en in het kader van onderhavige procedure al deze vormen derhalve als een en hetzelfde produkt dienen te worden beschouwd.

2. Soortgelijk produkt

(18) Door sommige belanghebbende partijen is aangevoerd, dat de Chinese AKP die met zinkchloride chemisch wordt geactiveerd, een produkt met bijzondere technische en poreuze eigenschappen is, die het uiterst geschikt voor bepaalde toepassingen maken. Derhalve dient het volgens deze partijen niet te worden beschouwd als een soortgelijk produkt als de in de Gemeenschap geproduceerde AKP (dan wel de in de Verenigde Staten geproduceerde chemisch geactiveerde AKP). Dezelfde belanghebbende partijen gaven evenwel toe, dat chemisch geactiveerde Chinese AKP rechtstreeks concurreert met chemisch geactiveerde AKP die in de Gemeenschap wordt geproduceerd en zelfs, in sommige gevallen, met in de Gemeenschap geproduceerde, met stoom geactiveerde AKP.

(19) De activerende stof die als basis voor chemisch geactiveerde Chinese AKP wordt gebruikt, verschilt weliswaar van de stof die in de Gemeenschap wordt gebruikt, maar toch oordeelt de Commissie dat het Chinese eindprodukt, ongeacht of het met stoom dan wel chemisch wordt geactiveerd (of een mengsel is van beide), wat de technische hoedanigheden en het gebruik betreft voldoende kan worden vergeleken met de met stoom of chemisch geactiveerde AKP die in de Gemeenschap wordt vervaardigd, om als een soortgelijk produkt te worden beschouwd. Dienaangaande zij erop gewezen, dat geen van de betrokken partijen betwist dat de verschillende produktiewijzen vergelijkbaar zijn (de chemische activerende stof buiten beschouwing gelaten), dat de algemene fysieke en technische hoedanigheden van in de Gemeenschap en in de Volksrepubliek China met stoom dan wel chemisch geactiveerde AKP sterk op elkaar gelijken en dat de produkten met elkaar concurreren. Bovendien hebben de belanghebbende partijen zelf gesteld, dat de verschillende soorten AKP in grote mate onderling vervangbaar zijn, omdat zij dezelfde fundamentele toepassingen hebben of dezelfde fundamentele functie vervullen.

(20) In het kader van haar voorlopige bevindingen stelt de Commissie bijgevolg vast, dat de door de communautaire bedrijfstak vervaardigde en op de gemeenschappelijke markt verkochte AKP een soortgelijk produkt is in de zin van artikel 2, lid 12, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 als de door de Volksrepubliek China naar de Gemeenschap uitgevoerde AKP.

(21) Naar analogie van overweging 19 concludeert de Commissie eveneens, dat in de Verenigde Staten (het analoge land voor de vaststelling van de normale waarde) geproduceerde AKP kan worden vergeleken met de naar de Gemeenschap uitgevoerde AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China.

C. BEDRIJFSTAK VAN DE GEMEENSCHAP

(22) Uit het onderzoek van de Commissie is gebleken, dat de producenten van de Gemeenschap die aan het onderzoek medewerkten, ongeveer 92 % van alle in de Gemeenschap geproduceerde verkopen van AKP voor hun rekening namen en dat deze producenten van de Gemeenschap derhalve overeenkomstig artikel 4, lid 5, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 als "bedrijfstak van de Gemeenschap" kunnen worden beschouwd. In dit verband zij erop gewezen, dat deze producenten niet alleen AKP vervaardigen, maar ook actieve kool in andere vormen (korrels en pellets). Sommige van deze bedrijven zijn betrokken bij engineeringsactiviteiten in de sector actieve kool en vervaardigen ook andere produkten dan actieve kool.

D. DUMPING

1. Normale waarde - keuze van analoog land

(23) De Volksrepubliek China heeft geen markteconomie en derhalve werd de vaststelling van de normale waarde overeenkomstig artikel 2, lid 5, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 gebaseerd op gegevens over een land met markteconomie (het "analoge land").

(24) Voor de keuze van het analoge land werden verscheidene mogelijkheden voorgesteld. De klagers achtten de Verenigde Staten de meest geschikte keuze, terwijl sommige importeurs en de Chinese exporteur die aan het onderzoek medewerkte, Maleisië voorstelden. Op basis van de beschikbare gegevens oordeelde de Commissie, dat Japan ook een geschikte keuze kon zijn.

(25) Aan alle producenten in deze landen werden vragenlijsten gezonden waarin om gegevens werd verzocht; twee van de vier bekende producenten van AKP in de Verenigde Staten zonden evenwel slechts bruikbare gegevens. Bijgevolg kon noch Maleisië noch Japan als analoog land worden gebruikt.

Bij de vaststelling of de Verenigde Staten een geschikte keuze als analoog land zou zijn, hield de Commissie rekening met de volgende factoren:

- de invoer in de Verenigde Staten uit derde landen bedraagt ongeveer 18 % van het binnenlandse verbruik van alle actieve kool;

- de produktie van AKP in de Verenigde Staten bedroeg 67 087 ton gedurende de periode van onderzoek (die van de Volksrepubliek China werd geraamd op 50 000 ton);

- de Verenigde Staten passen op de invoer van AKP uit "meest begunstigde landen" gematigde douanerechten ten belope van 4 % toe;

- op de invoer in de Verenigde Staten van AKP worden geen contingenten noch anti-dumpingmaatregelen toegepast;

- de toegang tot grondstoffen en de produktiemethode (activering met stoom/chemische middelen) van AKP in de Verenigde Staten zijn in beginsel dezelfde als in de Volksrepubliek China en de Gemeenschap;

- AKP wordt in de Verenigde Staten geproduceerd door een beperkt aantal grote producenten die schaalvoordelen hebben, terwijl de produktie in de Volksrepubliek China door verschillende kleine producenten geschiedt.

Aangezien de produktie van AKP niet bijzonder arbeidsintensief is, wordt geoordeeld dat de Chinese cooeperatieve voordelen van goedkope arbeidskrachten grotendeels worden gecompenserd door de schaalvoordelen in de Verenigde Staten;

- de AKP die wordt vervaardigd door de bedrijven in de Verenigde Staten die aan het onderzoek medewerkten (die ongeveer 50 % van de totale AKP-produktie in de Verenigde Staten voor hun rekening nemen) werd beschouwd als een soortgelijk produkt als het door de Chinese producenten naar de Gemeenschap uitgevoerde produkt.

(26) Uit het bovenstaande blijkt, dat de Verenigde Staten noch een geïsoleerde markt noch een besloten markt zijn en dat zij wat de toegang tot de grondstoffen, de produktieomvang en het produkt zelf betreft, vergelijkbaar zijn met de Volksrepubliek China. Overeenkomstig artikel 2, lid 5, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 worden de Verenigde Staten beschouwd als een passende en niet onredelijke keuze van een analoog land voor de vaststelling van de normale waarde in het onderhavige geval.

2. Normale waarde - Berekening van de normale waarde

(27) De normale waarde voor elke soort AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China die gedurende de periode van onderzoek naar de Gemeenschap werd uitgevoerd, is berekend op basis van de gegevens voor gelijkwaardige soorten AKP die zijn geproduceerd door de producenten in de Verenigde Staten die aan het onderzoek medewerkten. In dit verband is voor elke naar de Gemeenschap uitgevoerde Chinese soort, van de gelijkwaardige in de Verenigde Staten geproduceerde soorten, een gewogen gemiddelde binnenlandse verkoopprijs franco/klant aan de distributeur vastgesteld.

(28) Bij vergelijking met de algemene produktiekosten voor elke van de twee produktiemethoden (activering met stoom/chemische activering) is vastgesteld, dat deze binnenlandse franco/klantprijzen in de Verenigde Staten winst opleverden. Overeenkomstig artikel 2, lid 5, onder a), i), van Verordening (EEG) nr. 2423/88 werd de normale waarde derhalve vastgesteld per soort, op basis van de tijdens de onderzoekperiode gehanteerde verkoopprijs van AKP in de Verenigde Staten in het stadium franco/klant en in het stadium van de distributeur.

3. Uitvoerprijs

(29) Gezien het gebrek aan medewerking van de meeste Chinese exporteurs en de vaak grote prijsverschillen tussen de talrijke verschillende soorten in de Gemeenschap ingevoerde AKP overwoog de Commissie zorgvuldig wat in deze procedure de billijkste en geschiktste methode voor de vaststelling van de uitvoerprijs zou zijn.

(30) Zoals reeds in overweging 16 vermeld, bestaat actieve kool ook in de vorm van korrels en pellets; om statistische redenen zijn alle soorten actieve kool onder dezelfde code van de gecombineerde nomenclatuur opgenomen. Het is derhalve niet mogelijk, aan de hand van de gegevens van Eurostat te onderscheiden tussen de invoer van actieve kool in poedervorm en actieve kool in andere vormen. Dit betekent, dat de gegevens van Eurostat ter vaststelling van de uitvoerprijzen van AKP niet kunnen worden gebruikt.

(31) Gezien evenwel de hoge mate van medewerking van importeurs/distributeurs (die worden geacht het grootste gedeelte van de aankopen uit de Volksrepubliek China voor hun rekening te nemen) concludeerde de Commissie, dat de redelijkste basis ter vaststelling van de uitvoerprijzen was om de aangegeven invoerprijzen cif grens Gemeenschap van deze medewerkende bedrijven te nemen en deze prijzen aan te passen tot prijzen fob Chinese grens. Hiertoe dienden de bekende vracht- en verzekeringskosten te worden afgetrokken.

(32) Eén belanghebbende partij die in de Gemeenschap was gevestigd, bleek met een Chinese exporteur te zijn verbonden en als diens invoeragent op te treden. Voor deze exporteur diende overeenkomstig artikel 2, lid 8, onder b), van Verordening (EEG) nr. 2423/88 de uitvoerprijs te worden samengesteld op basis van de prijs waartegen het produkt door de verbonden agent aan onafhankelijke importeurs in de Gemeenschap werd verkocht. Hiertoe vond een aanpassing plaats van alle door de verbonden agent gemaakte kosten en winst.

4. Vergelijking

(33) Ter berekening van de dumpingmarge maakte de Commissie een vergelijking tussen de normale waarde en de uitvoerprijs in hetzelfde distributiestadium (dit wil zeggen in het stadium van de verkoop van de Chinese exporteurs aan de importeurs/distributeurs in de Gemeenschap en van de producenten in de Verenigde Staten aan hun binnenlandse distributeurs). Deze vergelijking vond plaats per transactie, voor iedere soort AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China die gedurende de periode van onderzoek naar de Gemeenschap werd uitgevoerd. De Commissie was van oordeel dat voor het onderhavige onderzoek prijzen van een vergelijkbaar handelsstadium worden gebruikt (dat wil zeggen de franco-prijs in de Verenigde Staten als een prijs in een vergelijkbaar handelsstadium wordt beschouwd als de prijs fob Chinese grens).

(34) Waar nodig (en in de gevallen waarin geschikte gegevens beschikbaar waren), werden de normale waarden en de uitvoerprijzen aangepast, teneinde rekening te houden met sommige van de in artikel 2, lid 9, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 opgesomde verkoopkosten. Deze aanpassingen voor verschillen die invloed hebben op de vergelijkbaarheid van de prijzen omvatten aanpassingen voor vervoerkosten, verzekering, verpakkingskosten en commissielonen.

(35) Sommige belanghebbende partijen voerden aan, dat een vergelijking tussen de in de Volksrepubliek China en de in de Verenigde Staten geproduceerde soorten AKP niet mogelijk was zonder gedetailleerde laboratoriumanalyses en eenvormige onderzoeken van de verschillende onderzochte soorten. Niettemin stelt de Commissie voorlopig vast, dat voor iedere Chinese soort AKP een vergelijkbare soort in de Verenigde Staten wordt geproduceerd en dat de basis voor de vergelijkingen per soort door de Commissie (d.w.z. de beschikbare technische specificaties en het bekende gebruik) in dit geval zowel geschikt als redelijk is. Voor deze conclusie pleit ook dat de belanghebbende partijen geen gerechtvaardigde specifieke aanpassingen hebben verlangd voor verschillen in fysieke of technische hoedanigheden tussen de in de Volksrepubliek China en de in de Verenigde Staten geproduceerde soorten AKP. Bovendien zijn ook geen alternatieve vergelijkingen voorgesteld.

5. Dumpingmarge

(36) Bij vergelijking per transactie is gebleken dat tijdens de onderzoekperiode dumping van naar de Gemeenschap uitgevoerde AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China heeft laatsgehad. De dumpingmarge was gelijk aan het bedrag waarmede de vastgestelde normale waarde de prijzen voor uitvoer naar de Gemeenschap overschreed. De gewogen gemiddelde dumpingmarge voor alle transacties, uitgedrukt als een percentage van de prijs cif, franco grens Gemeenschap bedroeg 71,5 %.

E. SCHADE

1. Verbruik in de Gemeenschap, ingevoerde hoeveelheden en marktaandeel

a) Algemene opmerkingen (37) Bij de berekening van het totale verbruik van AKP in de Gemeenschap (in ton) telde de Commissie de volgende gegevens bij elkaar op: de totale verkoop in de Gemeenschap van de door de aan het onderzoek meewerkende producenten in de Gemeenschap geproduceerde AKP, de geraamde totale verkoop in de Gemeenschap van de niet meewerkende producenten, de bekende invoer in de Gemeenschap van AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China en de geraamde invoer in de Gemeenschap van AKP van oorsprong uit andere derde landen dan de Volksrepubliek China (hierna "andere derde landen" genoemd). Details betreffende de bronnen van deze gegevens worden hieronder verstrekt.

(38) De door de Commissie gebruikte gegevens betreffende de niet meewerkende producenten in de Gemeenschap zijn ontleend aan twee bronnen, te weten Cefic en bepaalde importeurs/distributeurs. Bij gebreke van gegevens voor het tegendeel is ervan uitgegaan, dat de geraamde totale produktie van deze niet meewerkende producenten binnen en buiten de Gemeenschap in dezelfde proporties is verkocht als de verkoop van de Gemeenschapsproducenten die wel aan het onderzoek hebben meegewerkt.

(39) Wat de omvang van de invoer van oorsprong uit de Volksrepubliek China betreft, waren er, zoals in overweging 30 reeds is medegedeeld, geen afzonderlijke invoerstatistieken voor AKP beschikbaar. De gegevens die de Commissie door de meewerkende Chinese exporteur en de meewerkende importeurs/distributeurs zijn medegedeeld, bleken evenwel bijna de gehele invoer in de Gemeenschap te vertegenwoordigen en vormen derhalve de basis voor de voorlopige bevindingen van de Commissie inzake de omvang van de Chinese invoer.

(40) Wat de invoer uit andere derde landen betreft, voerden sommige importeurs/distributeurs aan, dat in de beschikbare gegevens van Eurostat betreffende de GN-code inzake actieve kool ten onrechte ook andere produkten dan actieve kool zijn opgenomen. Er werd eveneens aangevoerd, dat vele landen die volgens Eurostat actieve kool naar de Gemeenschap zouden hebben uitgevoerd, in feite dit produkt niet produceerden.

(41) Overtuigd van de juistheid van deze beweringen en van de verstrekte gegevens schrapte de Commissie eerst uit haar berekeningen betreffende de invoer, het verbruik enz. de landen die, hoewel ze in de Eurostat-statistieken waren vermeld als landen die actieve kool naar de Gemeenschap hebben uitgevoerd, volgens Cefic en de importeurs/distributeurs dit produkt niet produceren. Voor de overige in de Eurostat-statistieken opgenomen landen die naar bekend actieve kool produceerden (en deze naar ook bekend naar de Gemeenschap uitvoerden) werd op basis van de gegevens van Cefic en de importeurs/distributeurs een raming gemaakt van de naar de Gemeenschap uitgevoerde hoeveelheden AKP.

b) Verbruik in de Gemeenschap (42) Op deze grondslag stelde de Gemeenschap vast, dat het verbruik in de Gemeenschap van AKP was gestegen van ongeveer 34 100 ton in 1990 tot ongeveer 36 100 ton in 1991 en ongeveer 37 300 ton in 1992. Gedurende de onderzoekperiode daalde het verbruik tot ongeveer 35 250 ton. Desondanks steeg het totale verbruik tussen 1990 en de onderzoekperiode met 3,3 %.

c) Met dumping ingevoerde hoeveelheden en marktaandeel (43) De met dumping ingevoerde hoeveelheden van oorsprong uit de Volksrepubliek China stegen van 1 395 ton in 1990 tot 2 895 ton in 1991 en 4 439 ton in 1992. Gedurende de onderzoekperiode daalde de invoer met dumping tot 4 008 ton. Niettemin betekent dit een totale stijging van de ingevoerde hoeveelheden tussen 1990 en de onderzoekperiode met 187 %.

(44) Het aandeel in de markt van de Gemeenschap van deze invoer met dumping van AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China bedroeg 4,1 % in 1990, 8 % in 1991, 11,9 % in 1992 en 11,4 % gedurende de onderzoekperiode.

2. Prijzen van invoer met dumping en prijsonderbieding

(45) Uit het onderzoek van de Commissie bleek, dat de gewogen gemiddelde invoerprijs van de Chinese AKP cif grens Gemeenschap 755 ecu per ton bedroeg in 1990, 830 ecu per ton in 1991, 784 ecu per ton in 1992 en 835 ecu per ton gedurende de onderzoekperiode. Dit komt neer op een stijging met 10,6 % tussen 1990 en de onderzoekperiode.

(46) Om te berekenen of prijsonderbieding had plaatsgevonden, moest volgens de Commissie eerst worden vastgesteld, of de in de Gemeenschap geproduceerde soorten AKP wat de technische specificaties en het gebruik betreft, vergelijkbaar met de uit China ingevoerde soorten waren. Zoals bij de in overweging 35 bedoelde vergelijking voor de vaststelling van dumping, werd door bepaalde betrokken partijen aangevoerd, dat een prijsvergelijking tussen de in de Gemeenschap geproduceerde soorten AKP en de in de Volksrepubliek China geproduceerde soorten onmogelijk is zonder op eenvormige testmethoden gebaseerde onafhankelijke laboratoriumanalyses.

(47) De Commissie stelde dienaangaande vast, dat verscheidene soorten in de Gemeenschap geproduceerde AKP rechstreeks concurreren met ongeacht welke soort AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China die in de Gemeenschap wordt verkocht. Bij de meeste soorten waren de concurrerende produkten op technisch vlak vergelijkbaar. De Commissie oordeelt bijgevolg dat haar op objectieve criteria - met name de door de meewerkende partijen vermelde technische gegevens en gebruiksdoeleinden - gebaseerde vergelijkingen van de in de Gemeenschap en de in China geproduceerde soorten AKP, in het kader van de voorlopige bevindingen de billijkste en meest geschikte basis vormen om vast te stellen of onderbieding had plaatsgevonden.

(48) Per soort werden de gewogen gemiddelde nettoverkoopprijzen af fabriek van de Gemeenschapsproducenten in de Gemeenschap vergeleken met de gewogen gemiddelde invoerprijzen van de vergelijkbare Chinese soorten, die werden aangepast tot nettoprijzen, af magazijn, na inklaring. Er werd van uitgegaan, dat de vergelijking plaatsvond in hetzelfde distributiestadium, aangezien beide reeksen prijzen prijzen voor verkoop aan eindgebruikers waren. Per soort bleek uit deze vergelijking, dat slechts één Chinese soort, die 1,3 % van de totale Chinese invoer van AKP voor haar rekening nam, met haar prijzen de af-fabriekprijzen van de producenten van de Gemeenschap niet onderbood. Voor alle andere onderzochte Chinese soorten varieerden de onderbiedingsmarges, uitgedrukt als percentages van de af-fabriekprijzen van de Gemeenschapsproducenten van 6,2 tot 37,2 %. Op een gewogen gemiddelde basis voor alle soorten Chinese AKP stelde de Commissie een algemeen onderbiedingspercentage van 23,5 % vast.

3. Situatie van de bedrijfstak van de Gemeenschap

a) Voorafgaande opmerkingen (49) Vooraf zij opgemerkt, dat alle gegevens van de overwegingen 50 tot 59, tenzij anders aangegeven, uitsluitend betrekking hebben op die producenten van de Gemeenschap die ten volle aan het onderzoek van de Commissie hebben meegewerkt. Zoals is vermeld in overweging 22, nemen de producenten van de Gemeenschap die aan het onderzoek hebben meegewerkt, ongeveer 92 % van de totale verkoop van alle producenten van de Gemeenschap gedurende de onderzoekperiode voor hun rekening.

(50) Tussen 1990 en de onderzoekperiode werden zeer kleine hoeveelheden AKP uit andere derde landen dan de Volksrepubliek China in de Gemeenschap ingevoerd door bepaalde meewerkende producenten van de Gemeenschap. Hoewel deze hoeveelheden slechts ongeveer 0,7 % van hun totale jaarlijkse verkopen in de Gemeenschap uitmaakten, werden alle gegevens met betrekking tot deze aankopen toch van de gegevens in de onderstaande overwegingen 51 tot 58 uitgesloten. De gegevens in deze overwegingen hebben derhalve slechts betrekking op in de Gemeenschap geproduceerde AKP.

b) Produktie (51) Uit onderzoek van de Commissie bleek, dat de produktie in de Gemeenschap voortdurend daalde van 38 663 ton in 1990 tot 32 581 ton gedurende de onderzoekperiode, een daling van 15,7 %.

c) Produktiecapaciteit en bezettingsgraad (52) De Commissie stelde vast dat de produktiecapaciteit van de Gemeenschap met omstreeks 51 000 ton tussen 1990 en de onderzoekperiode betrekkelijk stabiel bleef. Ten gevolge van de voortdurende daling van de produktie daalde de bezettingsgraad evenwel van 76,3 % in 1990 tot 64,2 % gedurende de onderzoekperiode.

d) Voorraden (53) Uit het onderzoek bleek dat de voorraden AKP van de producenten van de Gemeenschap tussen 1990 en de onderzoekperiode met 27 % daalden.

e) Verkoop en marktaandeel (54) De verkoop in de Gemeenschap door de meewerkende producenten van de Gemeenschap daalde voortdurend van 28 240 ton in 1990 tot 24 510 ton gedurende de onderzoekperiode, een daling met 13,2 %. Uit het onderzoek van de Commissie bleek, dat de verkoop buiten de Gemeenschap van de producenten van de Gemeenschap die aan het onderzoek meewerkten, in het algemeen daalde met 9,3 %, van 10 166 ton in 1990 tot 9 220 ton gedurende de onderzoekperiode. Geraamd werd, dat de verkoop van de producenten die niet aan het onderzoek meewerkten, gedurende dezelfde periode op omstreeks 2 000 ton stabiel bleef.

(55) Het marktaandeel van de meewerkende Gemeenschapsproducenten in de Gemeenschap daalde van 82,8 % in 1990 tot 69,5 % gedurende de onderzoekperiode. Het marktaandeel van de niet meewerkende Gemeenschapsproducenten in de Gemeenschap was naar schatting stabiel gebleven op omstreeks 5,7 % gedurende dezelfde periode.

f) Prijzen en kosten (56) De gewogen gemiddelde verkoopprijs van alle soorten AKP die in de Gemeenschap door de Gemeenschapsproducenten werden verkocht, steeg van 1 531 ecu per ton in 1990 tot 1 605 ecu per ton in 1991. In 1992 en gedurende de onderzoekperiode daalden de prijzen tot respectievelijk 1 589 ecu per ton en 1 552 ecu per ton. Tussen 1990 en de onderzoekperiode steeg de gewogen gemiddelde verkoopprijs in de Gemeenschap van alle soorten AKP derhalve slechts met 1,4 %.

(57) De Commissie stelde vast dat de gewogen gemiddelde produktiekosten van deze Gemeenschapsproducenten voortdurend waren gestegen van 1 384 ecu per ton in 1990 tot 1 720 ecu per ton gedurende de onderzoekperiode, een stijging met 24,3 %. De stijgende produktiekosten werden hoofdzakelijk teweeggebracht door stijgende grondstoffenkosten, hogere vaste kosten als gevolg van de dalende capaciteitbezetting en kosten voor milieubescherming.

g) Rentabiliteit (58) Naar werd vastgesteld, boekten de producenten van de Gemeenschap in 1990 op hun verkoop in de Gemeenschap van alle in de Gemeenschap geproduceerde AKP-soorten een totale gewogen gemiddelde winst van 9,6 % (op de omzet). In 1991 verslechterde hun financiële situatie en boekten zij slechts een totale gewogen gemiddelde winst van 2,4 %. In 1992 was hun positie nog meer verslechterd en maakten zij een gewogen gemiddeld verlies van 5,4 %. In de onderzoekperiode bedroeg het totale gewogen gemiddelde verlies voor alle in de Gemeenschap verkochte AKP-soorten 10,8 %.

h) Werkgelegenheid (59) Uit het onderzoek bleek, dat het aantal personen dat in de Gemeenschap in de sector AKP werkzaam was, tussen 1990 en de onderzoekperiode met 16,3 % daalde van 734 tot 614.

i) Conclusies inzake de schade (60) De meeste vorengenoemde economische factoren die door de Commissie werden onderzocht, bij voorbeeld produktie, bezettingsgraad, verkochte hoeveelheden, rentabiliteit en werkgelegenheid tonen duidelijk aan, dat de positie van de producenten van de Gemeenschap tussen 1990 en de onderzoekperiode verslechterde. Deze producenten konden hun prijzen niet parallel met de hogere produktiekosten verhogen, wat bijgevolg tot aanzienlijke verliezen gedurende de onderzoekperiode leidde. Tussen 1990 en de onderzoekperiode vond ook een belangrijk verlies aan marktaandeel plaats.

(61) Op grond van al deze factoren concludeerde de Commissie in het kader van haar voorlopige bevindingen, dat de Gemeenschapsproducenten van AKP wat hun produktie van AKP betreft aanmerkelijke schade hebben geleden in de zin van artikel 4, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2423/88.

F. OORZAKELIJK VERBAND

1. Gevolgen van de invoer met dumping

(62) Zoals aangetoond in overweging 43, steeg de invoer met dumping van oorsprong uit de Volksrepubliek China tussen 1990 en de onderzoekperiode met 187 %. Het aandeel van de Chinese invoer met dumping in de markt van AKP in de Gemeenschap steeg gedurende deze periode eveneens aanzienlijk van 4,1 % tot 11,4 % en het is evident, dat deze stijging van marktaandeel ten koste ging van de Gemeenschapsproducenten, wier marktaandeel van 82,8 % tot 69,5 % daalde. Het is ook duidelijk dat deze stijging van invoer met dumping samenviel met een daling van de verkoop en de produktie van de Gemeenschapsproducenten, ook al steeg het verbruik in de Gemeenschap tussen 1990 en de onderzoekperiode met 3,3 %. Bovendien moet de aanzienlijke onderbieding van de verkoopprijzen van de Gemeenschapsproducenten door invoer met dumping van Chinese AKP (marges tot 37,2 %) eveneens hebben bijgedragen tot het onvermogen van de communautaire producenten om hun prijzen tot een winstgevende hoogte op te trekken.

(63) De Commissie aanvaardt weliswaar, dat de Chinese exporteurs hun verkoopprijzen tussen 1990 en de onderzoekperiode in het algemeen met 10,6 % verhoogden, maar toch vond de uitvoer van AKP gedurende de onderzoekperiode plaats tegen sterk gedumpte prijzen die de prijzen van de Gemeenschapsproducenten aanzienlijk onderboden en aldus tot de door deze producenten geleden schade bijdroegen.

(64) De Commissie is derhalve van oordeel, dat de invoer met dumping van AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China tot de door de bedrijfstak van de Gemeenschap geleden schade heeft bijgedragen.

2. Andere factoren

(65) Bij het onderzoek naar de oorzaak van de schade van de Gemeenschapsproducenten van AKP heeft de Commissie ook rekening gehouden met de gevolgen van andere factoren dan de invoer van oorsprong uit China. Daartoe onderzocht zij eerst de omvang van de invoer in de Gemeenschap uit andere derde landen. Gebruikmakend van de in de overwegingen 40 en 41 beschreven methode stelde zij vast, dat de invoer uit deze andere derde landen van ongeveer 2 600 ton in 1990 tot ongeveer 5 500 ton in 1992 was gestegen; de omvang van deze invoer daalde evenwel tot ongeveer 4 700 ton gedurende de onderzoekperiode. Al is dit een totale stijging van ongeveer 80 % van deze invoer tussen 1990 en de onderzoekperiode, het percentage van de stijging ligt veel lager dan voor de invoer van oorsprong uit China. Het marktaandeel in de Gemeenschap van deze invoer uit andere derde landen steeg van 7,6 % in 1990 tot 13,3 % gedurende de onderzoekperiode.

(66) Uit onderzoek van alle beschikbare gegevens bleek, dat alleen de invoer uit Maleisië tussen 1990 en de onderzoekperiode vergelijkbaar sterk is gestegen als de invoer uit de Volksrepubliek China; dat wil zeggen van ongeveer 600 ton tot ongeveer 1 750 ton. Uit Maleisië werd beduidend minder ingevoerd dan uit China en de invoer uit Maleisië maakte bijgevolg een veel kleiner marktaandeel in de Gemeenschap uit (4,9 % tegenover 11,4 % voor de Volksrepubliek China gedurende de onderzoekperiode).

(67) Op basis van de beschikbare gegevens van Eurostat voerde de Chinese medewerkende exporteur evenwel aan, dat deze invoer uit Maleisië tegen dumpingprijzen moest hebben plaatsgevonden. Bovendien werd aangevoerd dat, aangezien de prijs voor deze invoer in de Eurostat-statistieken lager lag dan de Chinese invoerprijs, de schade van de Gemeenschapsproducenten aan de invoer uit Maleisië en niet aan de invoer uit de Volksrepubliek China diende te worden geweten.

In antwoord op deze argumenten verklaarde Cefic, dat de Gemeenschapsproducenten geen bewijs van invoer met dumping van AKP uit Maleisië hadden. Bovendien had een grote importeur van Chinese en Maleisische AKP, voordat de Chinese exporteur de bovenvermelde feiten aanvoerde, gegevens ter beschikking van de Commissie gesteld waaruit bleek dat de invoer uit Maleisië niet met dumping plaatsvond.

Zoals in overweging 30 reeds medegedeeld, mag ook niet uit het oog worden verloren dat de Eurostat-gegevens voor GN-code 3802 10 00 niet alleen betrekking hebben op AKP maar ook op actieve kool in de vorm van korrels en pellets (die in het algemeen duurder is dan AKP). Aangezien volgens de beschikbare marktgegevens, de gegevens betreffende de Maleisische invoerprijzen niet louter betrekking hebben op het onderzochte produkt, kunnen dergelijke door Eurostat verstrekte prijzen niet worden vergeleken met de feitelijke AKP-prijzen die voor de Gemeenschapsproducenten of voor de Volksrepubliek China tijdens het onderzoek werden verkregen.

(68) Gezien het voorgaande (en in het bijzonder de tegenstrijdige beweringen van de betrokken partijen) is de Commissie van oordeel, dat er onvoldoende betrouwbare gegevens beschikbaar zijn om conclusies te trekken over het feit of de invoer uit Maleisië met dumping plaatsvond. Hieruit volgt, dat een uitbreiding van het huidige onderzoek tot Maleisië thans niet is te rechtvaardigen. Bovendien kan de Commissie aan de hand van de beschikbare gegevens betreffende de Maleisische invoerprijzen geen conclusies trekken over de gevolgen van deze invoer voor de gemeenschappelijke markt.

(69) De Commissie ging ook na welke hoeveelheden AKP - alle soorten - voor uitvoer buiten de Gemeenschap door de Gemeenschapsproducenten werden verkocht. Er werd vastgesteld, dat deze verkopen ongeveer 27 % van de totale door de Gemeenschapsproducenten verkochte hoeveelheden tussen 1990 en de onderzoekperiode betroffen. Uitgedrukt in gewicht werden in 1990 10 166 ton verkocht, in 1991 10 127 ton, in 1992 8 430 ton en gedurende de onderzoekperiode 9 220 ton. Tussen 1990 en de onderzoekperiode komt dit neer op een daling met 9,3 %. Het is duidelijk dat deze teruggang van de verkopen voor uitvoer buiten de Gemeenschap verder heeft bijgedragen tot de slechte algemene economische toestand van de Gemeenschapsproducenten van AKP ook al vonden deze verkopen, op zichzelf beschouwd, plaats met winst.

(70) Sommige belanghebbende partijen betoogden, dat de schade van de Gemeenschapsproducenten was veroorzaakt door een overcapaciteit van AKP in de Gemeenschap. Huns inziens was deze overcapaciteit te wijten aan een dalende vraag als gevolg van technologische ontwikkelingen en toenemend gebruik van recycleerbare actieve kool (korrels en pellets). Er is echter duidelijk aangetoond dat, ongeacht een mogelijke stijging van de vraag naar recycleerbare actieve kool, het verbruik van AKP in de Gemeenschap tussen 1990 en de onderzoekperiode in feite met 3,3 % is gestegen. Aangezien deze overcapaciteit voorts reeds in 1990 aanwezig was, toen de Gemeenschapsproducenten behoorlijke winsten boekten (zie overwegingen 52 en 58), kan de schade van deze producenten in de onderzoekperiode niet aan deze factor worden toegeschreven.

3. Conclusies betreffende de schadeoorzaak

(71) Er kan worden betoogd, dat de grotere invoer uit andere derde landen dan de Volksrepubliek China (in het bijzonder Maleisië) tot de verliezen van bedrijfstak van de Gemeenschap kan hebben bijgedragen. Er kan ook worden betoogd dat de dalende verkopen buiten de Gemeenschapsmarkt de situatie van de Gemeenschapsproducenten niet ten goede is gekomen. Geen van deze argumenten doet echter af aan het feit dat de invoer van AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China, op zich beschouwd, wegens zijn lage dumpingprijzen, de aanzienlijke onderbieding, de stijgende hoeveelheden en de toenemende marktpenetratie aan de bedrijfstak van de Gemeenschap aanmerkelijke schade heeft veroorzaakt in de zin van artikel 4, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2423/88.

G. BELANG VAN DE GEMEENSCHAP

1. Algemene overwegingen

(72) Bij het onderzoek van de vraag of het belang van de Gemeenschap anti-dumpingmaatregelen noodzakelijk maakt, moet een beoordeling worden gemaakt van alle verschillende belangen in hun geheel, waaronder de belangen van de bedrijfstak van de Gemeenschap, de gebruikers en de consumenten. Bij deze beoordeling dient bijzondere aandacht te worden besteed aan de noodzaak, de mededingingvervalsende gevolgen van schadelijke dumping op te heffen en de daadwerkelijke mededinging te herstellen.

(73) In het licht hiervan heeft de Commissie onderzocht, welke gevolgen anti-dumpingmaatregelen betreffende de invoer van AKP van oorsprong uit de Volksrepubliek China zou hebben voor de belangen van deze verschillende partijen.

2. Belang van de Gemeenschapsproducenten

(74) Gezien de steeds grotere financiële verliezen is de Commissie van oordeel, dat zonder maatregelen die de gevolgen van de Chinese invoer corrigeren, de levensvatbaarheid van de bedrijfstak van de Gemeenschap voor AKP, in gevaar kan komen. Hieruit volgt, dat een vermindering van het aantal producenten op de markt van de Gemeenschap ook de concurrentie doet afnemen. De Commissie werd reeds medegedeeld, dat een installatie voor de produktie van AKP in de Gemeenschap haar capaciteit vermindert met het oog op definitieve sluiting eind 1995. Hierdoor zal opnieuw een aantal arbeidsplaatsen verloren gaan in een bedrijfstak waarin de werkgelegenheid reeds daalt en wanneer de invoer met dumping geen halt wordt toegeroepen, zou dit kunnen betekenen dat andere produktie-installaties in de Gemeenschap moeten sluiten.

3. Belangen van de verbruikers

(75) Eén belanghebbende partij voerde aan, dat de vraag naar AKP in de Gemeenschap zonder invoer niet kan worden gedekt, omdat door de Gemeenschapsproducenten zoveel wordt uitgevoerd. Uit de gegevens in de overwegingen 42, 52 en 69 blijkt evenwel duidelijk, dat de produktiecapaciteit van de bedrijfstak van de Gemeenschap die na aftrek van zijn verkoop voor uitvoer overblijft, nog steeds hoger ligt dan het jaarlijkse verbruik in de Gemeenschap. Bovendien neemt de invoer uit alle derde landen exclusief de Volksrepubliek China bijna 14 % van de vraag van de Gemeenschap voor zijn rekening. De Commissie oordeelt derhalve, dat er geen tekort in de bevoorrading van AKP zou ontstaan, indien anti-dumpingmaatregelen tegen de Volksrepubliek China werden ingesteld. Handelsbeschermende maatregelen hebben overigens niet tot doel exporteurs die schadelijke dumping hebben toegepast van de markt van de Gemeenschap uit te sluiten, maar eerlijke concurrentie te herstellen.

(76) De gevolgen van een mogelijke prijsstijging van Chinese AKP na de instelling van anti-dumpingmaatregelen dienen ook te worden gezien tegen de achtergrond van de waarde van de door de verbruikers aangekochte AKP in verhouding tot hun totale kosten. Er kan worden gesteld, dat de openbare nutsbedrijven die AKP voor de waterzuivering gebruiken en de industriële gebruikers die AKP voor de behandeling van afvalwater, voor ontkleuring en voor adsorptie van onzuiverheden gebruiken, op korte termijn van de lage prijzen van de met dumping ingevoerde Chinese produkten hebben geprofiteerd. Op basis van de beschikbare gegevens oordeelt de Commissie in het kader van deze voorlopige bevindingen evenwel, dat AKP een secundaire grondstof is en dat de aankopen door de gebruikers slechts een klein percentage van hun totale kosten uitmaken. Dumpingmaatregelen zullen derhalve waarschijnlijk geen grote gevolgen hebben voor de algemene financiële situatie van de verbruikers; hiervoor pleit ook dat geen enkel openbaar nutsbedrijf noch industriële verbruiker van AKP tot dusverre in het onderzoek standpunten bij de Commissie heeft ingediend.

4. Conclusie

(77) Op grond van het voorgaande concludeert de Commissie dat de hachelijke situatie van de Gemeenschapsproducenten optreden tegen de dumping noodzakelijk maakt. De mogelijke gevolgen van een dergelijk optreden voor de verbruikers van AKP zijn, alles afgewogen, volgens de Commissie onvoldoende om de Gemeenschapsproducenten van AKP legitieme bescherming tegen onbillijke handelspraktijken te ontzeggen. De Commissie is bijgevolg van oordeel, dat voorlopige anti-dumpingmaatregelen dienen te worden ingesteld tegen de invoer van AKP van oorsprong uit de Volksrepublik China.

H. VOORLOPIG RECHT

(78) Voor de vaststelling van een recht dat de schade als gevolg van de dumping kan opheffen, dient eerst te worden nagegaan welke minimumwinst, voor belasting, de Gemeenschapsproducenten nodig hebben om te kunnen blijven concurreren. Dienaangaande stelde één producent dat 15 % noodzakelijk was, terwijl een andere 10 % als minimum opgaf. Aangezien AKP evenwel een produkt is dat reeds lang bestaat en de vraag de laatste jaren slechts licht is gestegen, acht de Commissie beide cijfers hoog. Bovendien zij erop gewezen, dat de totale nettowinst vóór belasting van de Gemeenschapsproducenten op al hun activiteiten in verband met actieve kool gedurende de onderzoekperiode varieerde dan 1 % tot 5 %. In deze cijfers is niet alleen de verliesmakende verkoop van AKP opgenomen, maar ook de verkoop van actieve kool in de vorm van korrels en pellets, installaties en engineering. De Commissie is bijgevolg van oordeel, dat in het kader van onderhavige procedure een winst van 5 %, vóór belasting, op de kostendekkende verkoopprijs van AKP in de Gemeenschap redelijk is.

(79) De Commissie berekende vervolgens voor alle in de Gemeenschap gedurende de onderzoekperiode ingevoerde Chinese soorten een gewogen gemiddelde nettoverkoopprijs af fabriek voor de vergelijkbare door de bedrijfstak in de Gemeenschap geproduceerde soorten. Zoals reeds in overweging 58 uiteengezet, leden de Gemeenschapsproducenten tijdens de onderzoekperiode een totaal verlies op de verkoop van AKP in de Gemeenschap. Het was derhalve noodzakelijk deze gewogen gemiddelde nettoverkoopprijs af fabriek te verhogen tot een niveau dat de bedrijfstak van de Gemeenschap niet alleen in staat stelt zijn produktiekosten te dekken, maar ook een redelijke winst van 5 % te boeken.

(80) De prijs van de Gemeenschapsproducenten met winst die voor iedere Chinese soort werd vastgesteld, werd vervolgens vergeleken met de Chinese invoerprijs cif, aangepast tot op het niveau af entrepot, ingeklaard, in de Gemeenschap. Het verschil tussen deze twee prijzen (het bedrag dat de schade opheft), op een gewogen gemiddelde basis uitgedrukt als een percentage van de invoerprijs, cif, franco grens Gemeenschap, bedraagt 66,8 %.

(81) Aangezien de dumpingmarge, die op 71,5 % werd vastgesteld, in deze procedure hoger is dan het percentage dat de schade opheft, dient het anti-dumpingrecht overeenkomstig artikel 13, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 2423/88 op het laagste cijfer te worden gebaseerd.

I. SLOTBEPALINGEN

(82) In het belang van een behoorlijk bestuur moet een termijn worden vastgesteld, waarbinnen de betrokken partijen hun standpunten schriftelijk kenbaar kunnen maken en kunnen verzoeken te worden gehoord. Voorts zij erop gewezen, dat alle bevindingen in het kader van deze verordening voorlopig zijn en kunnen worden heroverwogen met het oog op een eventueel door de Commissie voor te stellen definitief recht,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Er wordt een voorlopig anti-dumpingrecht ingesteld op de invoer van actieve kool in poedervorm van GN-code ex 3802 10 00 (Taric-code 3802 10 00 * 91) van oorsprong uit de Volksrepubliek China.

2. Het anti-dumpingrecht dat van toepassing is op de nettoprijs, franco grens Gemeenschap, vóór inklaring, bedraagt 66,8 %.

3. Tenzij anders bepaald zijn de voor douanerechten geldende bepalingen op dit recht van toepassing.

4. Het in het vrije verkeer brengen in de Gemeenschap van het in lid 1 bedoelde produkt is afhankelijk van het stellen van een waarborg gelijk aan het bedrag van het voorlopige recht.

Artikel 2

Onverminderd artikel 7, lid 4, onder b) en c), van Verordening (EEG) nr. 2423/88 kunnen de betrokken partijen binnen een maand na de inwerkingtreding van deze verordening hun standpunt schriftelijk kenbaar maken en verzoeken door de Commissie te worden gehoord.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 10 augustus 1995.

Voor de Commissie Martin BANGEMANN Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 349 van 31. 12. 1994, blz. 1.

(2) PB nr. L 122 van 2. 6. 1995, blz. 1.

(3) PB nr. L 209 van 2. 8. 1988, blz. 1.

(4) PB nr. L 66 van 10. 3. 1994, blz. 10.

(5) PB nr. C 64 van 2. 3. 1994, blz. 5.

(1) PB nr. L 349 van 31. 12. 1994, blz. 1.

(2) PB nr. L 122 van 2. 6. 1995, blz. 1.

(3) PB nr. L 209 van 2. 8. 1988, blz. 1.

(4) PB nr. L 66 van 10. 3. 1994, blz. 10.

(5) PB nr. C 64 van 2. 3. 1994, blz. 5.

(1) PB nr. L 349 van 31. 12. 1994, blz. 1.

(2) PB nr. L 122 van 2. 6. 1995, blz. 1.

(3) PB nr. L 209 van 2. 8. 1988, blz. 1.

(4) PB nr. L 66 van 10. 3. 1994, blz. 10.

(5) PB nr. C 64 van 2. 3. 1994, blz. 5.

Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkort
Praktijkgebieden▾
Indirect
Omzetbelasting (BTW)AccijnzenMilieubelastingenDouaneKansspelbelasting
Direct
VennootschapsbelastingInkomstenbelastingDividendbelastingBronbelastingMinimumbelasting (GloBE)
Loon & inhouding
LoonbelastingOverdrachtsbelastingSchenk- en erfbelastingBPM / AutobelastingenToeslagen
Formeel & overig
Formeel rechtVerrekenprijzenStaatssteunOverig
ContactAccount
Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkortPraktijkgebieden
ContactAccount