Commission Regulation (EC) No 3393/93 of 10 December 1993 laying down detailed rules governing the granting of private storage aid for certain cheeses manufactured on the smaller Aegean islands
Avis juridique important
31993R3393
Verordening (EG) nr. 3393/93 van de Commissie van 10 december 1993 houdende nadere bepalingen voor de toekenning van steun voor de particuliere opslag van bepaalde op de kleinere eilanden van de Egeïsche Zee bereide kaassoorten
Publicatieblad Nr. L 306 van 11/12/1993 blz. 0032 - 0034
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 53 blz. 0257
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 53 blz. 0257
VERORDENING (EG) Nr. 3393/93 VAN DE COMMISSIE van 10 december 1993 houdende nadere bepalingen voor de toekenning van steun voor de particuliere opslag van bepaalde op de kleinere eilanden van de Egeïsche Zee bereide kaassoorten DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 2019/93 van de Raad van 19 juli 1993 houdende specifieke maatregelen voor bepaalde landbouwprodukten ten behoeve van de kleinere eilanden in de Egeïsche Zee (1), en met name op artikel 6, lid 3, Overwegende dat in artikel 6, lid 2, van genoemde verordening is bepaald dat steun wordt verleend voor de particuliere opslag van vier, op de kleinere eilanden in de Egeïsche Zee bereide soorten kaas; dat, voor de toepassing van deze maatregel, in hoofdzaak de bepalingen moeten worden overgenomen die voor andere, soortgelijke maatregelen zijn vastgesteld; dat bij de vaststelling van het steunbedrag rekening moet worden gehouden met dezelfde criteria die zijn gehanteerd in het kader van de vorenbedoelde maatregelen; Overwegende dat in artikel 1, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 1756/93 van de Commissie van 30 juni 1993 tot vaststelling van de voor de sector melk en zuivelprodukten toe te passen ontstaansfeiten voor de landbouwomrekeningskoers (2), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2866/93 (3), de omrekeningskoers is vastgesteld die in het kader van de steunmaatregelen voor de particuliere opslag in de zuivelsector moet worden toegepast; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité van beheer voor melk en zuivelprodukten, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De in artikel 6, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 2019/93 bedoelde steun voor de particuliere opslag van plaatselijke kaassoorten wordt toegekend voor in totaal ten hoogste 5 000 ton per jaar. De Griekse autoriteiten stellen de criteria vast voor de verdeling van deze hoeveelheid over de vier betrokken kaassoorten enerzijds en over de verschillende eilanden anderzijds. Deze criteria worden aan de Commissie meegedeeld. Artikel 2 1. De door Griekenland aangewezen bevoegde instantie sluit slechts opslagcontracten indien aan de volgende voorwaarden is voldaan: a) het contract heeft betrekking op ten minste 2 ton; b) de kaas is op de in het contract vermelde begindatum van de opslag ten minste - 90 dagen oud, voor de kaassoorten Graviera, Ladotyri en Kefalograviera, - 60 dagen oud, voor Feta; c) bij een onderzoek is gebleken dat de kaas voldoet aan de onder b) vermelde voorwaarde en dat het kaas van eerste kwaliteit betreft; d) de opslaghouder verbindt zich ertoe: - de kaas tijdens de gehele opslagperiode te bewaren in ruimten waar de temperatuur ten hoogste + 16 °C bedraagt, - tijdens de duur van de overeenkomst de samenstelling van de partijen waarop het contract betrekking heeft niet zonder machtiging van de bevoegde instantie te wijzigen. Voor zover de voorwaarde betreffende de per partij vastgestelde minimale hoeveelheid verder in acht genomen wordt, mag de bevoegde instantie een zich tot uitslag of vervanging van de kaas beperkende wijziging toestaan, indien wordt vastgesteld dat de opslag wegens kwaliteitsverlies niet mag voortduren. Bij uitslag van bepaalde hoeveelheden wordt het contract: i) indien bedoelde hoeveelheden met toestemming van de bevoegde instantie worden vervangen, geacht geen enkele wijziging te hebben ondergaan; ii) indien bedoelde hoeveelheden niet worden vervangen, geacht van meet af aan voor de verder opgeslagen hoeveelheid te zijn gesloten. De uit een dergelijke wijziging voortvloeiende controlekosten komen ten laste van de opslaghouder; - een voorraadboekhouding te voeren en de bevoegde instantie elke week mede te delen welke hoeveelheden in de afgelopen week zijn ingeslagen en welke hoeveelheden naar verwachting zullen worden uitgeslagen. 2. Het opslagcontract a) wordt schriftelijk gesloten en in het contract wordt de datum van het begin van de contractuele opslag vermeld; deze datum mag ten vroegste de dag zijn die volgt op de dag van beëindiging van de inslag van de partij kaas waarop het contract betrekking heeft; b) wordt gesloten na beëindiging van de inslag van de partij kaas waarop het contract betrekking heeft en uiterlijk 40 dagen na de datum van het begin van de contractuele opslag. Artikel 3 1. Er wordt geen steun verleend wanneer de contractuele opslagduur minder dan 60 dagen bedraagt. 2. Het bedrag van de steun mag niet hoger zijn dan het bedrag dat overeenkomt met een contractuele opslagduur van 150 dagen. In afwijzing van artikel 2, lid 1, onder d), tweede streepje, mag de opslaghouder aan het einde van de in lid 1 bedoelde periode van 60 dagen een onder contract staande partij geheel of gedeeltelijk uitslaan. De dag waarop de uitslag van de partij kaas waarop het contract betrekking heeft begint, is niet begrepen in de contractuele opslagperiode. Artikel 4 De steun bedraagt 2,28 ecu/ton per dag. De steun wordt uitbetaald binnen 90 dagen na de laatste dag van de contractuele opslag. Artikel 5 1. Griekenland ziet erop toe dat de voorwaarden voor de betaling van de steun in acht worden genomen. 2. De contractant moet de met het toezicht op de maatregel belaste bevoegde instanties inzage geven van alle bescheiden die voor de produkten die zich in particuliere opslag bevinden uitsluitsel geven over: a) de eigendom op het tijdstip van de inslag; b) de oorsprong van de kaas en de datum waarop hij vervaardigd is; c) de inslagdatum; d) de aanwezigheid in het koelhuis; e) de uitslagdatum. 3. De contractant of, in voorkomend geval, de exploitant van het koelhuis voert een voorraadboekhouding die in het koelhuis ter inzage ligt en de volgende gegevens bevat: a) identificatie, per contractnummer, voor de produkten die zich in particuliere opslag bevinden; b) de inslag- en uitslagdatums; c) het aantal kazen en het gewicht per partij; d) de plaats waar de produkten in het koelhuis zijn opgeslagen. 4. De opgeslagen produkten moeten gemakkelijk en per contract identificeerbaar zijn. Een speciaal merkteken moet worden aangebracht op de kazen waarop het contract betrekking heeft. 5. Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 1, onder d), voeren de bevoegde instanties bij de inslag controles uit om met name te waarborgen dat de opgeslagen produkten voor steun in aanmerking komen en om vervanging van produkten tijdens de contractuele opslagperiode te voorkomen. 6. De bevoegde instantie a) voert een onaangekondigde steekproefcontrole op de aanwezigheid van de produkten in het koelhuis uit. De steekproef moet representatief zijn en betrekking hebben op minstens 10 % van de totale hoeveelheid waarvoor in het raam van een steunmaatregel voor de particuliere opslag contracten zijn gesloten. Naar aanleiding van die controle wordt ook de in lid 3 bedoelde boekhouding onderzocht, en vindt naast identificatie een materiële controle van gewicht en aard van de produkten plaats. De materiële controles worden uitgevoerd op minstens 5 % van de hoeveelheid waarop de onaangekondigde controle betrekking heeft; b) gaat aan het einde van de contractuele opslagperiode na of de produkten nog opgeslagen zijn. 7. Over de op grond van de leden 5 en 6 uitgevoerde controles wordt een verslag opgesteld waarin - de controledatum, - de duur van de controle, en - de uitgevoerde werkzaamheden worden aangegeven. Het controleverslag wordt door de bevoegde ambtenaar ondertekend en medeondertekend door de contractant of, in voorkomend geval, de exploitant van het koelhuis. 8. Wanneer onregelmatigheden aan het licht komen die op 5 % of meer van de gecontroleerde hoeveelheden betrekking hebben, wordt de steekproef op een door de bevoegde instantie nader te bepalen groter aantal monsters gebaseerd. Griekenland meldt deze onregelmatigheden binnen vier weken aan de Commissie. 9. Griekenland kan voorschrijven dat de controlekosten geheel of gedeeltelijk voor rekening van de contractant zijn. Artikel 6 Griekenland deelt, uiterlijk op de tiende dag van elke maand, mee voor welke hoeveelheden kaas verdeeld over de in artikel 2, lid 1, onder b), bedoelde soorten in de vorige maand een opslagcontract is gesloten. Artikel 7 Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 10 december 1993. Voor de Commissie René STEICHEN Lid van de Commissie (1) PB nr. L 184 van 27. 7. 1993, blz. 1. (2) PB nr. L 161 van 2. 7. 1993, blz. 48. (3) PB nr. L 262 van 21. 10. 1993, blz. 24.
