← Terug naar wetgeving
VerordeningEUDouane

Commission Regulation (EEC) No 1656/91 of 13 June 1991 laying down special provisions applicable to certain types of inward-processing operations or processing under customs control

Geconsolideerde brontekst ter informatie; aan deze weergave kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg de officiële versie op EUR-Lex.
Open officiële versie ↗Ontwikkelingen in de feed →

Avis juridique important

|

31991R1656

VERORDENING (EEG) Nr. 1656/91 VAN DE COMMISSIE van 13 juni 1991 tot vaststelling van bijzondere bepalingen welke op bepaalde handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling of de regeling behandeling onder douanetoezicht van toepassing zijn -

Publicatieblad Nr. L 151 van 15/06/1991 blz. 0039 - 0044


VERORDENING (EEG) Nr. 1656/91 VAN DE COMMISSIE van 13 juni 1991 tot vaststelling van bijzondere bepalingen welke op bepaalde handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling of de regeling behandeling onder douanetoezicht van toepassing zijn

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2503/88 van de Raad van 25 juli 1988 betreffende de douane-entrepots (1), inzonderheid op artikel 15, lid 1,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2504/88 van de Raad van 25 juli 1988 betreffende de vrije zones en de vrije entrepots (2), inzonderheid op artikel 8,

Overwegende dat dient te worden vastgesteld welke formaliteiten kunnen worden opgeheven wanneer handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling of de regeling behandeling onder douanetoezicht in de ruimten van een douane-entrepot of in een vrije zone of een vrij entrepot worden verricht;

Overwegende dat de toepassing van vereenvoudigde procedure waarbij de goederen onder een douaneregeling worden geplaatst zonder dat zij bij de douane zijn aangebracht en voordat een aangifte is overgelegd, een aanzienlijke vereenvoudiging van de formaliteiten betekent;

Overwegende dat het past de automatische toepassing van deze vereenvoudigde procedure te beperken tot die types van entrepots waar de entreposeur de verantwoordelijkheid voor de goederen op zich neemt en een voorraadadministratie voert die een doeltreffende controle op alle transacties mogelijk maakt;

Overwegende dat de toepassing van de vereenvoudigde procedure dient te worden geweigerd in alle gevallen waarin onvoldoende garanties worden geboden of waarin het sporadische gebruik dat van de regeling wordt gemaakt, deze toepassing niet rechtvaardigt; dat het niettemin noodzakelijk is rekening te houden met de belangrijkste functie van een douane-entrepot: de opslag van goederen;

Overwegende dat alle bepalingen van de betreffende regelingen van toepassing zijn, met uitzondering van die welke betrekking hebben op de procedures voor de plaatsing van goederen onder de regeling of de procedures die worden gebruikt om de goederen een van de bestemmingen te geven als bedoeld in artikel 18 van Verordening (EEG) nr. 1999/85 van de Raad van 16 juli 1985 betreffende de regeling actieve veredeling (3) of in artikel 10 van Verordening (EEG) nr. 2763/83 van de Raad van 26 september 1983 inzake de regeling volgens welke goederen onder douanetoezicht kunnen worden behandeld alvorens zij in het vrije verkeer worden gebracht (4), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 720/91 (5);

Overwegende dat dient te worden bepaald dat de deelnemers aan het economisch verkeer een specifieke boekhouding dienen te voeren voor de handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling of de regeling behandeling onder douanetoezicht, waarin alle voor het volgen van de transacties noodzakelijke gegevens worden opgetekend;

Overwegende dat het voor een doeltreffende douanecontrole noodzakelijk is dat in de voorraadadministratie van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot, evenals in de specifieke boekhouding betreffende de actieve veredeling of de behandeling onder douanetoezicht wordt verwezen naar de gegevens van de inschrijving van deze goederen in de betrokken boekhouding;

Overwegende dat, voor een economisch verantwoord gebruik van de inrichtingen voor de opslag van goederen, de onder het stelsel van douane-entrepots geplaatste goederen en de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen die onder de regeling actieve veredeling zijn geplaatst te zamen moeten kunnen worden opgeslagen; dat een dergelijke gezamenlijke opslag eveneens mogelijk dient te zijn in gevallen waarin de identificatie van de produkten of goederen onmogelijk wordt, mits het om gelijkwaardige produkten of goederen gaat;

Overwegende dat het dienstig is te bepalen dat de informatie betreffende de vergunningen tot actieve veredeling in de oude vrijhaven Hamburg, die niet aan de economische voorwaarden van de regeling actieve veredeling zijn onderworpen, periodiek en los van de informatie betreffende de andere vergunningen wordt verstrekt; dat het afdoende lijkt te bepalen dat de vorengenoemde informatie eenmaal per kwartaal wordt verstrekt;

Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité economische douaneregelingen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1

1. Deze verordening is van toepassing op de handelingen die in het kader van de regeling actieve veredeling (schorsingssysteem) of de regeling behandeling onder douanetoezicht worden verricht

- in de ruimten van de douane-entrepots van het type A, C en D waarin het gebruik van één van de vereenvoudigde procedures bedoeld in artikel 24, lid 1, onder c), artikel 48, lid 1, onder c), of artikel 54, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 2561/90 van de Commissie (6) is toegestaan, of

- in een vrije zone of een vrij entrepot.

2. Voor zover deze verordening niet in bijzondere bepalingen voorziet, gelden de bepalingen die in het kader van de betrokken regelingen zijn vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 1999/85 en Verordening (EEG) nr. 3677/86 van de Raad (7) alsmede bij Verordening (EEG) nr. 2763/83 en Verordening (EEG) nr. 3548/84 van de Commissie (8)

- voor de handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling met het terugbetalingssysteem,

- voor de handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling (schorsings- en terugbetalingssystemen) en de regeling behandeling onder douanetoezicht die in de ruimten van entrepots van het type B en F worden verricht, en in de ruimten die worden gebruikt voor de opslag van goederen die in een entrepot van het type E onder het stelsel van douane-entrepots zijn geplaatst, en

- voor de in de ruimten van de entrepots van het type A, C en D die niet aan de in lid 1 gestelde voorwaarden beantwoorden, verrichte handelingen.

Artikel 2

De douane-autoriteiten weigeren de toestemming tot gebruikmaking van de vereenvoudigde procedures bedoeld in de artikelen 3 tot en met 18 wanneer niet alle voor een goed verloop van de handelingen noodzakelijke garanties worden geboden.

De douane-autoriteiten kunnen de toestemming weigeren aan personen die niet regelmatig handelingen in het kader van de regeling actieve veredeling of de regeling behandeling onder douanetoezicht verrichten, onverminderd de bepalingen van artikel 8 van Verordening (EEG) nr. 2561/90.

Hoofdstuk 2 Actieve veredeling

Artikel 3

De veredelingshandelingen die met toepassing van de regeling actieve veredeling in de ruimten van een douane-entrepot bedoeld in artikel 1, lid 1, of in een vrije zone of een vrij entrepot worden verricht, mogen slechts plaatsvinden na afgifte van de in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 1999/85 bedoelde vergunning.

In de vergunning dient te worden bepaald in welk entrepot (met vermelding van het type entrepot) of in welke vrije zone of welk vrij entrepot de handelingen zullen worden verricht.

Artikel 4

1. De vergunninghouder dient een specifieke administratie voor de actieve veredeling te voeren - hierna "administratie actieve veredeling" genoemd - waarin de hoeveelheden onder de regeling actieve veredeling geplaatste goederen en verkregen veredelingsprodukten worden opgenomen, evenals alle voor het volgen van de handelingen en de juiste vaststelling van de eventueel verschuldigde rechten bij invoer noodzakelijke gegevens. De inschrijvingen dienen ten minste de voor de identificatie van de goederen of produkten noodzakelijke vermeldingen te omvatten, evenals een verwijzing naar de vergunning.

2. Voor het opstellen van de in artikel 61 van Verordening (EEG) nr. 3677/86 bedoelde zuiveringsafrekening treedt de verwijzing naar de in lid 1 bedoelde inschrijving in de plaats van de verwijzing naar de aangiften en documenten als bedoeld in artikel 61, lid 3, van Verordening (EEG) nr. 3677/86.

Artikel 5

1. De plaatsing van goederen onder de regeling actieve veredeling op het tijdstip van binnenkomst in de ruimten van het douane-entrepot of in de vrije zone of het vrije entrepot geschiedt door middel van de vereenvoudigde procedure bedoeld in artikel 24, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 3677/86.

2. De inschrijving in de "administratie actieve veredeling" overeenkomstig artikel 24, lid 2, onder b), van Verordening (EEG) nr. 3677/86 treedt in de plaats van de inschrijving in de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot bedoeld in artikel 11, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2504/88.

3. De inschrijving in de "administratie actieve veredeling" dient een verwijzing te bevatten naar het document onder geleide waarvan de goederen werden vervoerd.

Artikel 6

1. De plaatsing onder de regeling actieve veredeling van goederen welke zich in de ruimten van een douane-entrepot bevinden en die onder het stelsel van douane-entrepots zijn geplaatst of die zich in een vrije zone of een vrij entrepot bevinden, geschiedt volgens de vereenvoudigde procedure bedoeld in artikel 24, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 3677/86.

2. Het stelsel van douane-entrepots wordt aangezuiverd door inschrijving in de "administratie actieve veredeling". In de voorraadadministratie van het douane-entrepot wordt een verwijzing naar deze inschrijving opgenomen.

3. In de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot dient een verwijzing naar de inschrijving in de "administratie actieve veredeling" te worden opgenomen.

Artikel 7

1. De plaatsing onder het stelsel van douane-entrepots van veredelingsprodukten of onveredelde goederen die in de ruimten van een douane-entrepot onder de regeling actieve veredeling werden geplaatst, geschiedt volgens de vereenvoudigde procedure bedoeld in artikel 24, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 2561/90.

2. De regeling actieve veredeling wordt aangezuiverd door de inschrijving in de voorraadadministratie van het douane-entrepot. In de "administratie actieve veredeling" dient een verwijzing naar deze inschrijving te worden opgenomen.

3. De regeling actieve veredeling wordt voor de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen die zich in een vrije zone of een vrij entrepot bevinden, aangezuiverd door inschrijving in de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot. In de "administratie actieve veredeling" wordt een verwijzing naar de gegevens van deze inschrijving opgenomen.

4. De vermeldingen bedoeld in artikel 71 van Verordening (EEG) nr. 3677/86 dienen in de voorraadadministratie van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot te worden opgenomen.

Artikel 8

1. De aanzuivering van de regeling actieve veredeling op het tijdstip waarop de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot verlaten, door de uitvoer van deze produkten of goederen, geschiedt volgens de vereenvoudigde uitvoerprocedure bedoeld in artikel 44, lid 1, onder b), van Verordening (EEG) nr. 3677/86.

Onverminderd de procedures die van toepassing zijn ingeval de uitvoer aan rechten bij uitvoer of handelspolitieke maatregelen bij uitvoer is onderworpen, behoeft de aangifte ten uitvoer bedoeld in artikel 44, lid 2, onder b), niet te worden opgesteld wanneer de produkten of goederen bij uitgang uit een vrije zone of een vrij entrepot het douanegebied van de Gemeenschap rechtstreeks verlaten.

2. Wanneer de aanzuivering van de regeling actieve veredeling op het tijdstip waarop de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot verlaten, geschiedt door het in het vrije verkeer brengen van deze produkten of goederen, dan wordt de vereenvoudigde procedure voor het in het vrije verkeer brengen van goederen bedoeld in artikel 47, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 3677/86 toegepast.

3. De aanzuivering van de regeling actieve veredeling op het tijdstip waarop de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot verlaten ten einde een van de bestemmingen bedoeld in artikel 18 van Verordening (EEG) nr. 1999/85, anders dan het vrije verkeer of de uitvoer, te volgen, geschiedt overeenkomstig de te dien einde vastgestelde normale of vereenvoudigde procedures.

4. De uitslag van de veredelingsprodukten of de onveredelde goederen uit de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot behoeft niet in de voorraadadministratie van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot te worden vermeld.

Artikel 9

Artikel 7, leden 2 en 3, en artikel 8, leden 2 en 4, vormen geen beletsel voor de toepassing van artikel 21 van Verordening (EEG) nr. 1999/85.

Artikel 10

1. Voor zover de regelmatigheid van de handelingen er niet door in het gedrang komt, staan de douane-autoriteiten toe dat onder het stelsel van douane-entrepots geplaatste niet-communautaire goederen te zamen met onder de regeling actieve veredeling geplaatste invoergoederen of veredelingsprodukten in dezelfde opslaginrichting worden opgeslagen.

2. Indien de in lid 1 bedoelde gezamenlijke opslag ten gevolge heeft dat niet op ieder moment de douaneregeling kan worden vastgesteld waaronder elk goed of produkt geplaatst is, kan deze opslag niettemin worden toegestaan indien het om gelijkwaardige goederen of produkten gaat.

Worden als gelijkwaardig beschouwd, goederen of produkten die onder dezelfde onderverdeling van de gecombineerde nomenclatuur vallen en dezelfde handelskwaliteit en technische kenmerken bezitten.

3. In geval van gezamenlijke opslag van gelijkwaardige goederen of produkten als bedoeld in lid 2, worden de voor een douanebestemming aangegeven goederen of produkten geacht de status te hebben van goederen of produkten die, naar keuze van de belanghebbende, onder het stelsel van douane-entrepots of onder de regeling actieve veredeling zijn geplaatst.

De toepassing van de eerste alinea mag in geen geval ten gevolge hebben dat een bepaalde status wordt toegekend aan een hoeveelheid goederen of produkten die groter is dan de hoeveelheid goederen of produkten met deze status die zich feitelijk in het douane-entrepot bevindt op het tijdstip van uitslag van de voor een douanebestemming aangegeven goederen of produkten.

4. Wanneer aan bepaalde goederen de status van onder het stelsel van douane-entrepots geplaatste goederen of de status van onder de regeling actieve veredeling geplaatste veredelingsprodukten of onveredelde goederen wordt toegekend, zijn op deze goederen alle bepalingen van het genoemde stelsel of de genoemde regeling van toepassing, met inbegrip van, meer bepaald, de regels betreffende de belastingheffing en de invordering van compenserende interesten.

5. In geval van totale vernietiging of onherroepelijk verlies van de goederen of produkten wordt het vernietigde of verloren gegane gedeelte van de onder het betrokken stelsel of de betrokken regeling geplaatste goederen of produkten vastgesteld naar verhouding van de hoeveelheid goederen of produkten van dezelfde soort die onder het betreffende stelsel of de betreffende regeling was geplaatst en die zich in de ruimten van het entrepot bevond op het tijdstip waarop de genoemde vernietiging of het genoemde verlies plaatsvond, tenzij de entreposeur heeft aangetoond hoe groot de hoeveelheid vernietigde of verloren gegane goederen of produkten die onder dit stelsel of deze regeling was geplaatst in werkelijkheid was.

Artikel 11

Duitsland doet de Commissie voor het einde van de maand volgende op elk kwartaal de in bijlage VIII bij Verordening (EEG) nr. 3677/86 bedoelde informatie toekomen betreffende de vergunningen tot actieve veredeling die in de loop van het voorafgaande kwartaal in de oude vrijhaven Hamburg werden afgegeven of gewijzigd en die niet aan de economische voorwaarden van de regeling actieve veredeling zijn onderworpen.

Hoofdstuk 3 Behandeling onder douanetoezicht

Artikel 12

De handelingen die met toepassing van de regeling behandeling onder douanetoezicht in de ruimten van een douane-entrepot als bedoeld in artikel 1, lid 1, of in een vrije zone of een vrij entrepot worden verricht, mogen slechts plaatsvinden nadat de in artikel 3 van Verordening (EEG) nr. 2763/83 bedoelde vergunning is verleend.

In de vergunning dient te worden aangegeven in welk entrepot (met vermelding van het type entrepot) of in welke vrije zone of vrij entrepot de handelingen zullen worden verricht.

Artikel 13

De vergunninghouder dient een specifieke administratie voor de behandeling onder douanetoezicht te voeren - hierna "administratie behandeling onder douanetoezicht" genoemd - waarin de hoeveelheden onder de regeling behandeling onder douanetoezicht geplaatste goederen en verkregen behandelde produkten worden opgenomen, evenals alle voor het volgen van de handelingen en de juiste vaststelling van de eventueel verschuldigde rechten bij invoer noodzakelijke gegevens. De inschrijvingen dienen ten minste de voor de identificatie van de goederen of produkten noodzakelijke vermeldingen te omvatten, evenals een verwijzing naar de vergunning.

Artikel 14

1. Goederen die bij binnenkomst in de ruimten van het douane-entrepot of in de vrije zone of het vrije entrepot onder de regeling behandeling onder douane-toezicht worden geplaatst, worden niet bij de douane-autoriteiten aangebracht onder de voorwaarden bedoeld in lid 2.

2. De belanghebbende is gehouden, bij aankomst van de goederen op de daartoe aangewezen plaatsen

a) deze aankomst aan de douane-autoriteiten te melden in de vorm en op de wijze welke deze autoriteiten vaststellen.

Niettemin kunnen de douane-autoriteiten

- de vergunninghouder toestaan de aankomst van de goederen te melden zodra deze ophanden is, in plaats van de feitelijke aankomst van de goederen af te wachten,

- in bepaalde bijzondere omstandigheden waarin zulks gerechtvaardigd is door de aard van de betrokken goederen en het snelle tempo waarin goederen onder de regeling worden geplaatst, de belanghebbende ontslaan van de verplichting iedere aankomst van goederen te melden, onder voorbehoud dat hij de genoemde autoriteiten alle inlichtingen verstrekt die zij noodzakelijk achten om, in voorkomend geval, hun recht om de goederen aan een onderzoek te onderwerpen, te kunnen uitoefenen;

b) de goederen in de "administratie behandeling onder douanetoezicht" in te schrijven. Deze inschrijving vindt plaats in de vorm en op de wijze welke de douane-autoriteiten vaststellen. Zij dient de datum te bevatten waarop zij wordt verricht evenals een verwijzing naar het document onder geleide waarvan de goederen werden vervoerd. Zij kan worden vervangen door elke andere door de douane-autoriteiten vastgestelde formaliteit die dezelfde garanties biedt;

c) alle documenten in verband met de plaatsing van de goederen onder de regeling ter beschikking te houden van de douane-autoriteiten.

3. De inschrijving in de administratie heeft dezelfde rechtskracht als de aanvaarding van de aangifte tot plaatsing onder de regeling. Een eventueel onderzoek van de goederen vindt plaats op basis van de gegevens die in deze administratie zijn vermeld. De inschrijving van de goederen in de administratie geldt als vrijgave.

4. Een samenvattende aangifte betreffende de onder de regeling behandeling onder douanetoezicht geplaatste goederen dient binnen de door de douane-autoriteiten vastgestelde termijn bij het bevoegde douanekantoor te worden overgelegd.

5. De inschrijving bedoeld in lid 2, onder b), vervangt de inschrijving in de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot bedoeld in artikel 11, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2504/88.

Artikel 15

1. De plaatsing onder de regeling behandeling onder douanetoezicht van goederen welke zich in de ruimten van een douane-entrepot bevinden en die onder het stelsel van de douane-entrepots zijn geplaatst of die zich in een vrije zone of een vrij entrepot bevinden, geschiedt volgens de vereenvoudigde procedure bedoeld in artikel 14, leden 1 tot en met 4.

2. Het stelsel van douane-entrepots wordt aangezuiverd door inschrijving in de "administratie behandeling onder douanetoezicht". In de voorraadadministratie van het douane-entrepot wordt een verwijzing naar deze inschrijving opgenomen.

3. In de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot dient een verwijzing naar de inschrijving in de "administratie behandeling onder douanetoezicht" te worden opgenomen.

Artikel 16

1. De plaatsing onder het stelsel van douane-entrepots van behandelde produkten of niet-behandelde goederen die in de ruimten van een douane-entrepot onder de regeling behandeling onder douanetoezicht werden geplaatst, geschiedt volgens de vereenvoudigde procedure bedoeld in artikel 24, lid 1, onder c), van Verordening (EEG) nr. 2561/90.

2. De regeling behandeling onder douanetoezicht wordt aangezuiverd voor de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen door de inschrijving in de voorraadadministratie van het douane-entrepot. In de "administratie behandeling onder douanetoezicht" dient een verwijzing naar deze inschrijving te worden opgenomen.

3. De regeling behandeling onder douanetoezicht wordt voor de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen, die zich in een vrije zone of een vrij entrepot bevinden, aangezuiverd door de inschrijving in de voorraadadministratie van de vrije zone of het vrije entrepot. In de "administratie behandeling onder douanetoezicht" dient een verwijzing naar deze inschrijving te worden opgenomen.

Artikel 17

1. De aanzuivering van de regeling behandeling onder douanetoezicht op het tijdstip waarop de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen de ruimten van het douane-entrepot of de vrije zone of het vrije entrepot verlaten, door het in het vrije verkeer brengen of de uitvoer van deze produkten of goederen, geschiedt zonder dat de produkten of goederen bij de douane-autoriteiten worden aangeboden, onder de voorwaarden bedoeld in lid 2.

2. De belanghebbende is gehouden

a) de douane-autoriteiten, voor het vertrek van de goederen uit zijn bedrijfsruimten, in de vorm en op de wijze welke deze autoriteiten vaststellen, kennis te geven van het ophanden zijnde vertrek van goederen. De douane-autoriteiten kunnen evenwel in bepaalde bijzondere omstandigheden waarin zulks gerechtvaardigd is door de aard van de betrokken goederen en het snelle tempo van de handelingen in verband met het in het vrije verkeer brengen of de uitvoer van de goederen, de belanghebbende ontheffen van de verplichting ieder vertrek van goederen te melden, onder voorbehoud dat hij deze autoriteiten alle informatie verstrekt die zij noodzakelijk achten om, in voorkomend geval, hun recht om de goederen aan een onderzoek te onderwerpen, te kunnen uitoefenen;

b) de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen in de "administratie behandeling onder douanetoezicht" in te schrijven. Deze inschrijving vindt plaats in de vorm en op de wijze welke de douane-autoriteiten vaststellen. Zij dient de datum te bevatten waarop zij plaatsvindt. Zij kan worden vervangen door iedere andere door de douane-autoriteiten vastgestelde formaliteit die dezelfde garanties biedt;

c) ingeval van uitvoer een aangifte ten uitvoer op te stellen. Onverminderd de procedures die van toepassing zijn ingeval de uitvoer aan rechten bij uitvoer of handelspolitieke maatregelen bij uitvoer is onderworpen, behoeft geen aangifte ten uitvoer te worden opgesteld wanneer behandelde produkten of niet-behandelde goederen bij uitgang uit een vrije zone of een vrij entrepot het douanegebied van de Gemeenschap rechtstreeks verlaten;

d) alle documenten in verband met het in het vrije verkeer brengen of de uitvoer van de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen, en met name het invoer- of uitvoercertificaat dat in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid werd ingesteld of de documenten waarin de gemeenschappelijke handelspolitiek voorziet, ter beschikking te houden van de douane-autoriteiten.

3. De inschrijving in de administratie heeft dezelfde rechtskracht als de aanvaarding van de aangifte tot in het vrije verkeer brengen of ten uitvoer. Een eventueel onderzoek van de goederen vindt plaats op basis van de gegevens welke in deze administratie zijn opgenomen. De inschrijving van de goederen in de administratie geldt als vrijgave.

4. Een samenvattende aangifte betreffende de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen waarvoor de regeling behandeling onder douanetoezicht wordt aangezuiverd, dient binnen de door de douane-autoriteiten vastgestelde termijn bij het bevoegde douanekantoor te worden overgelegd.

5. De aanzuivering van de regeling behandeling onder douanetoezicht op het tijdstip waarop de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot verlaten ten einde een van de bestemmingen bedoeld in artikel 10 van Verordening (EEG) nr. 2763/88, anders dan het vrije verkeer of de uitvoer, te volgen, geschiedt overeenkomstig de te dien einde vastgestelde normale of vereenvoudigde procedures.

6. De uitslag van de behandelde produkten of de niet-behandelde goederen uit de ruimten van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot behoeft niet in de voorraadadministratie van het douane-entrepot, de vrije zone of het vrije entrepot te worden opgetekend.

Artikel 18

Artikel 16, leden 2 en 3, en artikel 17, leden 1 en 5, vormen geen beletsel voor de toepassing van de artikelen 11 en 12 van Verordening (EEG) nr. 2763/83.

Hoofdstuk 4 Slotbepalingen

Artikel 19

De communautaire status van de veredelingsprodukten of de behandelde produkten of van de onveredelde goederen of niet-behandelde goederen die in een vrije zone of een vrij entrepot in het vrije verkeer zijn gebracht, wordt aangetoond door middel van het document bedoeld in bijlage II bij Verordening (EEG) nr. 2562/90 van de Commissie (9), dat door de belanghebbende wordt afgegeven.

De eerste alinea is eveneens van toepassing op veredelingsprodukten of onveredelde goederen die overeenkomstig artikel 49, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 3677/86 in de Gemeenschap op de markt worden gebracht.

Artikel 20

De inschrijvingen in de "administratie actieve veredeling" of de "administratie behandeling onder douanetoezicht" dienen de douane-autoriteiten in staat te stellen op ieder ogenblik de juiste situatie te kennen van alle goederen of produkten welke zich onder het betrokken stelsel of de betrokken regeling of in de vrije zone of het vrije entrepot bevinden, alsmede, in geval van gezamenlijke opslag als bedoeld in artikel 10, de juiste hoeveelheid van elke soort goederen of produkten die zich nog onder het betreffende stelsel of de betreffende regeling bevindt.

Artikel 21

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 1992. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 13 juni 1991. Voor de Commissie

Christiane SCRIVENER

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 225 van 15. 8. 1988, blz. 1. (2) PB nr. L 225 van 15. 8. 1988, blz. 8. (3) PB nr. L 188 van 20. 7. 1985, blz. 1. (4) PB nr. L 272 van 5. 10. 1983, blz. 1. (5) PB nr. L 78 van 26. 3. 1991, blz. 9. (6) PB nr. L 246 van 10. 9. 1990, blz. 1. (7) PB nr. L 351 van 12. 12. 1986, blz. 1. (8) PB nr. L 331 van 19. 12. 1984, blz. 5. (9) PB nr. L 246 van 10. 9. 1990, blz. 33.

Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkort
Praktijkgebieden▾
Indirect
Omzetbelasting (BTW)AccijnzenMilieubelastingenDouaneKansspelbelasting
Direct
VennootschapsbelastingInkomstenbelastingDividendbelastingBronbelastingMinimumbelasting (GloBE)
Loon & inhouding
LoonbelastingOverdrachtsbelastingSchenk- en erfbelastingBPM / AutobelastingenToeslagen
Formeel & overig
Formeel rechtVerrekenprijzenStaatssteunOverig
ContactAccount
Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkortPraktijkgebieden
ContactAccount