← Terug naar wetgeving
VerordeningEUDouane

Commission Regulation (EEC) No 2557/85 of 11 September 1985 regarding the application of Decisions No 1/85, No 2/85 and No 3/85 of the ACP-EEC Customs Cooperation Committee derogating from the definition of the concept of 'originating products'

Geconsolideerde brontekst ter informatie; aan deze weergave kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg de officiële versie op EUR-Lex.
Open officiële versie ↗Ontwikkelingen in de feed →

Avis juridique important

|

31985R2557

Verordening (EEG) nr. 2557/85 van de Commissie van 11 september 1985 betreffende de toepassing van de Besluiten nrs. 1/85, 2/85 en 3/85 van het ACS-EEG-Comité voor Douanesamenwerking houdende afwijking van de definitie van het begrip ,,produkten van oorsprong' '

Publicatieblad Nr. L 244 van 12/09/1985 blz. 0011
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 14 blz. 0060
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 14 blz. 0060


*****

VERORDENING (EEG) Nr. 2557/85 VAN DE COMMISSIE

van 11 september 1985

betreffende de toepassing van de Besluiten nrs. 1/85, 2/85 en 3/85 van het ACS-EEG-Comité voor Douanesamenwerking houdende afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong"

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE

GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 113,

Gelet op Besluit 81/968/EEG van de Raad van 24 november 1981 betreffende de toepassing van afwijkingen van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" in het kader van de tweede ACS-EEG-Overeenkomst (1),

Gelet op Verordening (EEG) nr. 485/85 van de Raad van 26 februari 1985 betreffende de toepassing van Besluit nr. 2/85 van de ACS-EEG-Raad van Ministers betreffende de overgangsmaatregelen die gelden vanaf 1 maart 1985 (2),

Overwegende dat het ACS-EEG-Comité voor Douanesamenwerking ingesteld bij de op 31 oktober 1979 te Lomé ondertekende tweede ACS-EEG-Overeenkomst, krachtens de artikelen 28, lid 3, en 30, lid 1, van Protocol nr. 1 bij die Overeenkomst de Besluiten nrs. 1/85, 2/85 en 3/85 houdende afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" heeft genomen;

Overwegende dat overeenkomstig artikel 33 van genoemd Protocol nr. 1 de noodzakelijke maatregelen voor de uitvoering van die besluiten dienen te worden getroffen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING

VASTGESTELD:

Artikel 1

De Besluiten nrs. 1/85, 2/85 en 3/85 van het ACS-EEG-Comité voor Douanesamenwerking, waarvan de tekst aan deze verordening is gehecht, zijn van toepassing in de Gemeenschap.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 11 september 1985.

Voor de Commissie

COCKFIELD

Vice-Voorzitter

(1) PB nr. L 354 van 9. 12. 1981, blz. 30.

(2) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 1.

BESLUIT Nr. 1/85 VAN HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING

van 7 juni 1985

houdende afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" in verband met de bijzondere situatie van Jamaica voor wat betreft »tufted" tapijten van post 58.02 van het gemeenschappelijk douanetarief

HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING,

Gelet op de tweede ACS-EEG-Overeenkomst, ondertekend te Lomé op 31 oktober 1979,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 485/85 van de Raad van 26 februari 1985 betreffende de toepassing van Besluit nr. 2/85 van de ACS-EEG-Raad van Ministers betreffende de overgangsmaatregelen die gelden vanaf 1 maart 1985 (1),

Overwegende dat in artikel 30 van Protocol nr. 1 van de derde ACS-EEG-Overeenkomst, ondertekend te Lomé op 8 december 1984, met betrekking tot de definitie van het begrip produkten van oorsprong en de methoden van administratieve samenwerking, is bepaald dat kan worden afgeweken van de regels inzake de oorsprong, met name om de ontwikkeling van bestaande industrieën of de vestiging van nieuwe industrieën te vergemakkelijken;

Overwegende dat volgens artikel 4 van Besluit nr. 2/85 (2) de bepalingen met betrekking tot de procedure voor afwijking van de oorsprongsregels, vervat in artikel 30 van Protocol nr. 1 van de derde ACS-EEG-Overeenkomst, vervroegd zullen worden toegepast;

Overwegende dat, ten einde zijn tapijtenvervaardigende industrie te behouden en de nodige maatregelen te nemen tot verkrijging van het karakter van oorsprong voor zijn afgewerkte produkten, voor Jamaica van 3 oktober 1984 tot en met 28 februari 1985 een afwijking van de definitie van het begrip produkten van oorsprong in Protocol nr. 1 van de tweede ACS-EEG-Overeenkomst betreffende »tufted" tapijten heeft gegolden;

Overwegende dat de duur van deze afwijking niet toereikend was om de betrokken Jamaicaanse industrie in staat te stellen haar produktie aan de door de tweede ACS-EEG-Overeenkomst vereiste voorwaarden inzake de verkrijging van de oorsprong aan te passen; dat dientengevolge de nodige bepalingen dienen te worden vastgesteld voor een verdere afwijking;

Overwegende dat op grond van deze omstandigheden Jamaica tot en met 2 oktober 1986 een tijdelijke afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" kan worden toegestaan,

BESLUIT:

Artikel 1

In afwijking van de bijzondere bepalingen van lijst A van bijlage II bij Protocol nr. 1 van de tweede ACS-EEG-Overeenkomst, worden »tufted" tapijten van post 58.02 A II a) van het gemeenschappelijk douanetarief, die in Jamaica zijn vervaardigd, en bij de produktie waarvan ruggen zijn gebruikt die niet van oorsprong zijn en die onder de posten 51.04 of 57.10 van het gemeenschappelijk douanetarief vallen, als produkten van oorsprong uit Jamaica beschouwd, op voorwaarde dat aan de overige voor post 58.02 van het gemeenschappelijk douanetarief geldende voorwaarden is voldaan.

Artikel 2

De in artikel 1 bedoelde afwijking geldt voor een hoeveelheid van 220 000 vierkante yards »tufted" tapijten die in de periode van 1 maart 1985 tot en met 2 oktober 1986 uit Jamaica worden uitgevoerd.

Artikel 3

De autoriteiten van Jamaica nemen de noodzakelijke maatregelen om het toezicht op de uitgevoerde hoeveelheden van de in artikel 1 bedoelde produkten te verzekeren en verstrekken ieder kwartaal aan de Commissie een overzicht van de hoeveelheden waarvoor op grond van dit besluit certificaten inzake goederenverkeer EUR. 1 zijn afgegeven.

Artikel 4

De ACS-Staten, de Lid-Staten en de Gemeenschap zijn, elk voor zich, verplicht de nodige maatregelen ter uitvoering van dit besluit te treffen.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt aangenomen.

Het zal echter op 28 februari 1986 ophouden van toepassing te zijn indien de derde ACS-EEG-Overeenkomst niet uiterlijk op die datum in werking treedt.

Gedaan te Brussel, 7 juni 1985.

Voor het ACS-EEG-Comité

voor Douanesamenwerking

De Voorzitters

F. KLEIN Maurice Oscar ST. JOHN

(1) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 1.

(2) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 2.

BESLUIT Nr. 2/85 VAN HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING

van 7 juni 1985

houdende afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" om, voor wat bepaalde visbenodigdheden betreft, rekening te houden met de bijzondere situatie van Malawi, Kenia en Mauritius

HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING,

Gelet op de op 31 oktober 1979 te Lomé ondertekende tweede ACS-EEG-Overeenkomst,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 485/85 van de Raad van 26 februari 1985 betreffende de toepassing van Besluit nr. 2/85 van de ACS-EEG-Raad van Ministers betreffende de overgangsmaatregelen die gelden vanaf 1 maart 1985 (1),

Gezien het ontwerp-besluit ingediend door de Commissie,

Overwegende dat naar luid van artikel 4 van Besluit nr. 2/85 (2) de bepalingen met betrekking tot de procedure voor afwijking van de oorsprongsregels, vervat in artikel 30 van Protocol nr. 1 van de op 8 december 1984 te Lomé ondertekende derde ACS-EEG-Overeenkomst vervroegd worden toegepast;

Overwegende dat de ACS-Staten om een afwijking hebben verzocht van de definitie die voorkomt in Protocol nr. 1, voor bepaalde in Malawi, in Kenia en op Mauritius vervaardigde, onder post ex 97.07 van het gemeenschappelijk douanetarief vallende, visbenodigdheden;

Overwegende dat Malawi en Kenia van 1 maart 1983 tot en met 28 februari 1985 en Mauritius van 1 januari 1984 tot en met 28 februari 1985 voor visbenodigdheden voor een afwijking van genoemde definitie in aanmerking zijn gekomen;

Overwegende dat in de bovenbedoelde landen de economische produktievoorwaarden niet zijn gewijzigd;

Overwegende dat met de in Protocol nr. 1 van de derde ACS-EEG-Overeenkomst vervatte definitie een nieuwe permanente regel wordt ingesteld die in bepaalde visbenodigdheden opneming mogelijk maakt van een maximum van 25 % aan produkten die niet van oorsprong zijn;

Overwegende dat het in deze omstandigheden wenselijk is aan Malawi, Kenia en Mauritius een tijdelijke afwijking van de definitie van het begrip produkten van oorsprong toe te staan,

BESLUIT:

Artikel 1

In afwijking van Protocol nr. 1 van de tweede ACS-EEG-Overeenkomst worden de van kunstaas voorziene vishaken en de voor de visserij gemonteerde lijnen, met inbegrip van de sneuen, die in Malawi, in Kenia of op Mauritius zijn vervaardigd en onder post ex 97.07 van het gemeenschappelijk douanetarief vallen, als van oorsprong uit Malawi, Kenia of Mauritius beschouwd, op voorwaarde dat de waarde van de voor de vervaardiging ervan gebruikte produkten die niet van oorsprong zijn en onder post ex 97.07 van het gemeenschappelijk douanetarief vallen, 25 % van de waarde van het eindprodukt niet overschrijdt.

Artikel 2

De bevoegde autoriteiten van de Republiek Malawi, van de Republiek Kenia en van Mauritius zenden de Commissie elk kwartaal de staat van de hoeveelheden waarvoor uit hoofde van dit besluit certificaten inzake goederenverkeer EUR. 1 zijn afgegeven.

Artikel 3

De ACS-Staten, de Lid-Staten en de Gemeenschap zijn, elk voor zich, verplicht de nodige maatregelen ter uitvoering van dit besluit te treffen.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt aangenomen.

Dit besluit is van toepassing vanaf 1 maart 1985 tot de inwerkingtreding van de derde ACS-EEG-Overeenkomst en uiterlijk tot en met 28 februari 1986.

Gedaan te Brussel, 7 juni 1985.

Voor het ACS-EEG-Comité

voor Douanesamenwerking

De Voorzitters

F. KLEIN Maurice Oscar ST. JOHN

(1) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 1.

(2) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 2.

BESLUIT Nr. 3/85 VAN HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING

van 16 juli 1985

houdende afwijking van de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" in verband met de bijzondere situatie van Mauritius voor wat de produktie van tonijnconserven betreft

HET ACS-EEG-COMITÉ VOOR

DOUANESAMENWERKING,

Gelet op de op 31 oktober 1979 te Lomé ondertekende tweede ACS-EEG-Overeenkomst,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 485/85 van de Raad vaan 26 februari 1985 betreffende de toepassing van Besluit nr. 2/85 van de ACS-EEG-Raad van Ministers betreffende de overgangsmaatregelen die gelden vanaf 1 maart 1985 (1),

Overwegende dat in artikel 4 van Besluit nr. 2/85 (2) wordt gesteld dat de bepalingen met betrekking tot de procedure voor afwijking van de oorsprongsregels, vervat in artikel 30 van Protocol nr. 1 van de derde ACS-EEG-Overeenkomst, ondertekend te Lomé op 8 december 1984, per 1 maart 1985 vervroegd worden toegepast;

Overwegende dat in artikel 30 van Protocol nr. 1 bij de derde ACS-EEG-Overeenkomst betreffende de definitie van het begrip »produkten van oorsprong" en de methoden van administratieve samenwerking, is bepaald dat het Comité voor douanesamenwerking afwijkingen van de regels inzake de oorsprong kan toestaan, met name om de ontwikkeling van bestaande industrieën of de vestiging van nieuwe industrieën te vergemakkelijken;

Overwegende dat de ACS-Staten een verzoek van de Regering van Mauritius hebben ingediend om voor de door deze Staat geproduceerde tonijnconserven een afwijking van de in dat Protocol vastgestelde definitie te verkijgen;

Overwegende dat Mauritius, om zijn bestaande visserij-industrie in stand te houden en de noodzakelijke maatregelen te kunnen nemen om voor zijn eindprodukten de status van »produkt van oorsprong" te verkrijgen, van 1 augustus 1984 tot en met 28 februari 1985 voor tonijnconserven een afwijking van de in Protocol nr. 1 vastgestelde definitie heeft genoten;

Overwegende dat Mauritius reeds een vaartuig heeft aangekocht met het doel de conservenfabrieken van vis voor de vervaardiging van tonijnconserven te voorzien;

Overwegende dat dit vaartuig, ofschoon het zijn vangsten geleidelijk opvoert, niet in staat is de conservenfabrieken voldoende hoeveelheden tonijn te leveren; dat de betrokken onderneming voornemens is, indien de ervaring zou uitwijzen dat de verdere aanvoer van vis met de status van »produkt van oorsprong" niet kan worden verzekerd, in de komende jaren een tweede visserijvaartuig in gebruik te nemen;

Overwegende dat Mauritius niet in staat is geweest om voldoende vis van oorsprong uit andere ACS-Staten te verkrijgen; dat de conservenindustrie van Mauritius derhalve afhankelijk blijft van de aanvoer van tonijn uit derde landen om zijn uitvoer van tonijnconserven naar de Gemeenschap op peil te kunnen houden;

Overwegende dat Mauritius de voor de conservenindustrie noodzakelijke hoeveelheden tonijn uit andere ontwikkelingslanden kan betrekken; dat, overeenkomstig artikel 30, lid 5, van Protocol nr. 1, bij het in overweging nemen van een verzoek om een afwijking in het bijzonder rekening dient te worden gehouden met deze mogelijkheid;

Overwegende dat onder deze omstandigheden aan Mauritius een tijdelijke afwijking van de definitie van »produkten van oorsprong" dient te worden toegestaan, overeenkomstig artikel 30, lid 8, van Protocol nr. 1,

BESLUIT:

Artikel 1

In afwijking van de bijzondere bepalingen van lijst A van bijlage II bij Protocol nr. 1 worden tonijnconserven van post ex 16.04 van het gemeenschappelijk douanetarief die in Mauritius worden vervaardigd van tonijn van oorsprong uit andere ontwikkelingslanden, onder de in dit besluit vermelde voorwaarden als van oorsprong uit Mauritius beschouwd.

Artikel 2

De in artikel 1 bedoelde afwijking geldt voor een jaarlijkse hoeveelheid van 1 000 ton tonijnconserven van post ex 16.04 van het gemeenschappelijk douanetarief die in de periode van 1 maart 1985 tot en met 29 februari 1988 door Mauritius wordt uitgevoerd.

Artikel 3

De bevoegde autoriteiten van Mauritius nemen alle noodzakelijke maatregelen om te verzekeren dat de tonijn die bij de produktie van de in artikel 1 bedoelde tonijnconserven wordt gebruikt, van oorsprong is uit andere ontwikkelingslanden. De genoemde autoriteiten houden bovendien toezicht op de uitgevoerde hoeveelheden van de in artikel 2 bedoelde produkten en verstrekken de Commissie ieder kwartaal een overzicht van de hoeveelheden waarvoor krachtens dit besluit certificaten inzake goederenverkeer EUR. 1 zijn afgegeven.

Artikel 4

De ACS-Staten, de Lid-Staten en de Gemeenschap zijn, elk voor zich, verplicht de nodige maatregelen ter uitvoering van dit besluit te treffen.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt aangenomen.

Dit besluit is van toepassing met ingang van 1 maart 1985. Het treedt op 28 februari 1986 buiten toepassing indien uiterlijk op die datum de derde ACS-EEG-Overeenkomst niet in werking treedt.

Gedaan te Brussel, 16 juli 1985.

Voor het ACS-EEG-Comité

voor Douanesamenwerking

De Voorzitters

F. KLEIN Rudoph JOHNSON

(1) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 1.

(2) PB nr. L 61 van 1. 3. 1985, blz. 2.

Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkort
Praktijkgebieden▾
Indirect
Omzetbelasting (BTW)AccijnzenMilieubelastingenDouaneKansspelbelasting
Direct
VennootschapsbelastingInkomstenbelastingDividendbelastingBronbelastingMinimumbelasting (GloBE)
Loon & inhouding
LoonbelastingOverdrachtsbelastingSchenk- en erfbelastingBPM / AutobelastingenToeslagen
Formeel & overig
Formeel rechtVerrekenprijzenStaatssteunOverig
ContactAccount
Argus Tax
ActualiteitenWetgevingBinnenkortPraktijkgebieden
ContactAccount