Commission Regulation (EEC) No 2056/83 of 20 July 1983 on the classification of goods within heading No 84.25 of the Common Customs Tariff
Avis juridique important
31983R2056
Verordening (EEG) nr. 2056/83 van de Commissie van 20 juli 1983 met betrekking tot de indeling van goederen onder post 84.25 van het gemeenschappelijk douanetarief
Publicatieblad Nr. L 202 van 26/07/1983 blz. 0011 - 0011
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 2 Deel 3 blz. 0203
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0044
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 2 Deel 3 blz. 0203
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0044
***** VERORDENING (EEG) Nr. 2056/83 VAN DE COMMISSIE van 20 juli 1983 met betrekking tot de indeling van goederen onder post 84.25 van het gemeenschappelijk douanetarief DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 97/69 van de Raad van 16 januari 1969 betreffende de maatregelen die moeten worden getroffen voor de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Griekenland, inzonderheid op artikel 3, Overwegende dat, ten einde de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief te waarborgen, bepalingen dienen te worden vastgesteld met betrekking tot de indeling van drijfstangen voor grasmaaimachines, die de roterende beweging van de drijfas omzetten in een heen-en-weergaande beweging op de maaibalk van grasmaaimachines; Overwegende dat in het gemeenschappelijk douanetarief, dat als bijlage is gevoegd bij Verordening (EEG) nr. 950/68 van de Raad (2), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 604/83 (3), post 84.25 onder meer betrekking heeft op grasmaaimachines en post 84.63 onder meer op drijfwerkassen en tandwielen; dat deze posten, op grond van Aantekening 2 b) op Afdeling XVI, eveneens de delen en onderdelen van de machines, toestellen en werktuigen van deze posten omvatten waarvan kan worden onderkend dat zij daarvoor uitsluitend of hoofdzakelijk bestemd zijn; Overwegende dat deze twee posten in aanmerking kunnen worden genomen voor de indeling van de onderhavige drijfstangen; Overwegende dat de drijfstangen, hoewel zij dienen tot het overbrengen van kracht, niet als delen of onderdelen van een drijfwerk kunnen worden beschouwd doch, gelet op hun specifieke constructie, als herkenbare delen of onderdelen van een grasmaaimachine zijn aan te merken; Overwegende dat in de toelichting op post 84.63 van de Nomenclatuur van de Internationale Douaneraad de drijfstangen van deze post worden uitgezonderd; Overwegende dat de onderhavige drijfstangen derhalve onder post 84.25 dienen te worden ingedeeld; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De drijfstangen voor grasmaaimachines, die de roterende beweging van de drijfas omzetten in een heen-en-weergaande beweging op de maaibalk van grasmaaimachines, dienen in het gemeenschappelijk douanetarief te worden ingedeeld onder post: 84.25 Machines, toestellen en werktuigen, voor het oogsten en voor het dorsen van landbouwprodukten; stro- en veevoederpersen; gazonmaaimachines; wanmolens en dergelijke machines voor het reinigen van graan, sorteermachines voor eieren, voor vruchten en voor andere landbouwprodukten, met uitzondering van machines en toestellen voor de meelindustrie, bedoeld bij post 84.29. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de éénentwintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 20 juli 1983. Voor de Commissie Karl-Heinz NARJES Lid van de Commissie (1) PB nr. L 14 van 21. 1. 1969, blz. 1. (2) PB nr. L 172 van 22. 7. 1968, blz. 1. (3) PB nr. L 72 van 18. 3. 1983, blz. 3.
