Commission Regulation (EEC) No 1480/83 of 7 June 1983 on the classification of goods falling within subheading 97.03 B of the Common Customs Tariff
Avis juridique important
31983R1480
Verordening (EEG) nr. 1480/83 van de Commissie van 7 juni 1983 betreffende de indeling van goederen onder post 97.03 B van het gemeenschappelijk douanetarief
Publicatieblad Nr. L 151 van 09/06/1983 blz. 0027 - 0027
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 2 Deel 3 blz. 0187
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0012
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 2 Deel 3 blz. 0187
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0012
***** VERORDENING (EEG) Nr. 1480/83 VAN DE COMMISSIE van 7 juni 1983 betreffende de indeling van goederen onder post 97.03 B van het gemeenschappelijk douanetarief DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 97/69 van de Raad van 16 januari 1969 betreffende de maatregelen die moeten worden getroffen voor de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief (1), laatstelijk gewijzigd bij de Akte van Toetreding van Griekenland, inzonderheid op artikel 3, Overwegende dat, ten einde de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief te waarborgen, bepalingen dienen te worden vastgesteld met betrekking tot de tariefindeling van de volgende goederen: 1. een samenstel voor kinderen bestaande uit een ketting van onedel metaal, een hanger van het type camee, van onedel metaal en kunstmatige plastische stof, alsmede twee oorringen, een broche en een ring, van onedel metaal en kunstmatige plastische stof, te zamen verpakt; 2. een samenstel voor kinderen bestaande uit een ketting van onedel metaal met een hanger in de vorm van een horloge, twee oorringen, twee armbanden en twee ringen van kunstmatige plastische stof, te zamen verpakt; Overwegende dat in het gemeenschappelijk douanetarief, dat als bijlage is gevoegd bij Verordening (EEG) nr. 950/68 van de Raad (2), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 604/83 (3), post 71.16 betrekking heeft op fancybijouterieën en post 97.03 onder meer op ander speelgoed; dat voor de indeling van voornoemde goederen de genoemde posten in overweging kunnen worden genomen; Overwegende dat deze samenstellen niet kunnen worden aangemerkt als fancybijouterieën bedoeld bij post 71.16; dat zij, vanwege hun gebruik en eenvoudige opmaak, veeleer het karakter vertonen van speelgoed van post 97.03; Overwegende dat deze goederen derhalve onder post 97.03 van het gemeenschappelijk douanetarief dienen te worden ingedeeld; dat binnen deze post onderverdeling B van toepassing is; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De samenstellen voor kinderen bestaande uit: 1. een ketting van onedel metaal, een hanger van het type camee, van onedel metaal en kunstmatige plastische stof, alsmede twee oorringen, een broche en een ring, van onedel metaal en kunstmatige plastische stof, te zamen verpakt; 2. een ketting van onedel metaal met een hanger in de vorm van een horloge, twee oorringen, twee armbanden en twee ringen van kunstmatige plastische stof, te zamen verpakt, worden in het gemeenschappelijk douanetarief ingedeeld onder post: 97.03 Ander speelgoed; modellen op schaal voor ontspanning: B. andere. Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de éénentwintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 7 juni 1983. Voor de Commissie Karl-Heinz NARJES Lid van de Commissie (1) PB nr. L 14 van 21. 1. 1969, blz. 1. (2) PB nr. L 172 van 22. 7. 1968, blz. 1. (3) PB nr. L 72 van 18. 3. 1983, blz. 3.
