Commission Regulation (EEC) No 2655/82 of 1 October 1982 laying down rules for implementing the import arrangements for 1982 for products falling within subheading 07.06 A of the Common Customs Tariff originating in third countries other than Thailand and amending Regulation (EEC) No 950/68 on the Common Customs Tariff
Avis juridique important
31982R2655
Verordening (EEG) nr. 2655/82 van de Commissie van 1 oktober 1982 houdende uitvoeringsbepalingen van de invoerregeling, voor 1982, voor produkten van post 07.06 A van het gemeenschappelijk douanetarief van oorsprong uit andere derde landen dan Thailand en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 950/68 betreffende het gemeenschappelijk douanetarief8
Publicatieblad Nr. L 280 van 02/10/1982 blz. 0014 - 0016
***** VERORDENING (EEG) Nr. 2655/82 VAN DE COMMISSIE van 1 oktober 1982 houdende uitvoeringsbepalingen van de invoerregeling, voor 1982, voor produkten van post 07.06 A van het gemeenschappelijk douanetarief van oorsprong uit andere derde landen dan Thailand en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 950/68 betreffende het gemeenschappelijk douanetarief DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN, Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, Gelet op Verordening (EEG) nr. 2727/75 van de Raad van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1451/82 (2), en met name op artikel 12, lid 2, Gelet op Verordening (EEG) nr. 2646/82 van de Raad van 30 september 1982 betreffende de invoerregeling, voor 1982, voor produkten van post 07.06 A van het gemeenschappelijk douanetarief (3), en met name op artikel 2, Overwegende dat in Verordening (EEG) nr. 2646/82 met name is bepaald dat voor 1982 de bij invoer geldende heffing voor bepaalde hoeveelheden produkten van post 07.06 A van het gemeenschappelijk douanetarief van oorsprong uit andere derde landen dan Thailand, ten hoogste 6 % ad valorem bedraagt; Overwegende dat in 1982 reeds bepaalde hoeveelheden produkten zijn ingevoerd met een heffing van ten hoogste 6 %; dat voor de afgifte van invoercertificaten die recht geven op invoer met een heffing van ten hoogste 6 % ad valorem, bijzondere voorschriften moeten worden vastgesteld ten einde een correcte toepassing van Verordening (EEG) nr. 2646/82 mogelijk te maken en er met name voor te zorgen dat de vastgestelde hoeveelheden niet worden overschreden; dat een correcte toepassing voorts een aantal afwijkingen van Verordening (EEG) nr. 3183/80 van de Commissie (4), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 49/82 (5), noodzakelijk maakt; Overwegende dat enerzijds rekening moet worden gehouden met de bijzondere situatie voor de houders van invoercertificaten die vóór de inwerkingtreding van Verordening (EEG) nr. 2646/82 zijn afgegeven en dezen bijgevolg de mogelijkheid moet worden geboden, te verzoeken deze certificaten te annuleren en de waarborg vrij te geven, en dat anderzijds een oplossing moet worden gevonden voor de stomende goederen; Overwegende dat een goede toepassing van Verordening (EEG) nr. 2646/82 vereist dat de noodzakelijke wijzigingen in het gemeenschappelijk douanetarief aangebracht worden; Overwegende dat het Comité van beheer voor granen geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn, HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD: Artikel 1 De in artikel 1 van Verordening (EEG) nr. 2646/82 bedoelde regeling geldt voor produkten van post 07.06 A van het gemeenschappelijk douanetarief, van oorsprong uit andere derde landen dan Thailand, die worden ingevoerd met een invoercertificaat dat is afgegeven overeenkomstig het bepaalde in deze verordening. Artikel 2 1. De aanvragen om een invoercertificaat mogen slechts op de volgende data bij de bevoegde instanties van de Lid-Staten worden ingediend: - 1, 4 en 5 oktober 1982, - 15, 16, 17 en 18 november 1982. De gegevens betreffende de naam van de importeur, de gevraagde hoeveelheden en de oorsprong worden uiterlijk op 7 oktober, respectievelijk 19 november 1982 door de Lid-Staten per telex naar de Commissie doorgezonden. 2. Uiterlijk op 13 oktober en op 23 november 1982 stelt de Commissie per in artikel 1, sub a), van Verordening (EEG) nr. 2646/82 bedoeld land of groep van landen naar rato de hoeveelheden vast waarvoor de certificaten worden afgegeven. Artikel 3 1. De hoeveelheden waarvoor certificaten worden afgegeven op basis van de op 1, 4 en 5 oktober ingediende aanvragen mogen niet meer bedragen dan 60 % van de resterende hoeveelheden. 2. De hoeveelheden waarvoor certificaten worden afgegeven op basis van de op 15, 16, 17 en 18 november ingediende aanvragen mogen niet meer bedragen dan de resterende hoeveelheden. 3. Voor de toepassing van lid 1 worden als resterende hoeveelheden beschouwd, de hoeveelheden per derde land, respectievelijk groep van derde landen, die overeenkomen met het verschil tussen de in artikel 1, sub a), eerste, tweede en derde streepje, van Verordening (EEG) nr. 2646/82 aangegeven hoeveelheden en de hoeveelheden die in de eerste zeven maanden van 1982 in het vrije verkeer zijn gebracht, welke laatste worden vermeerderd met 20 %. 4. Voor de toepassing van lid 2 worden als resterende hoeveelheden beschouwd, de hoeveelheden per derde land, respectievelijk groep van derde landen, die overeenkomen met het verschil tussen de in artikel 1, sub a), eerste, tweede en derde streepje, van Verordening (EEG) nr. 2646/82 aangegeven hoeveelheden en de hoeveelheden die in de eerste negen maanden van 1982 in de Gemeenschap in het vrije verkeer zijn gebracht, de laatste vermeerderd met de hoeveelheden waarvoor door de Commissie in oktober 1982 invoercertificaten zijn afgegeven. 5. Voor de toepassing van dit artikel delen de Lid-Staten vóór 10 november 1982 met name mede welke hoeveelheden produkten per derde land van oorsprong als bedoeld in artikel 1 in de eerste negen maanden van 1982 in het vrije verkeer zijn gebracht. 6. Wanneer de belanghebbenden binnen een termijn van dertig dagen volgende op de dag waarop deze verordening van toepassing wordt daarom verzoeken, worden de certificaten die zijn afgegeven vóór de datum waarop deze verordening van toepassing wordt, geannuleerd en wordt de door hen gestelde waarborg vrijgegeven. Voor zover de geannuleerde certificaten betrekking hebben op hoeveelheden waarvoor het bewijs wordt geleverd dat het op 1 oktober 1982 stomende goederen waren, kunnen de belanghebbenden, indien zij daar vóór 9 oktober 1982 om verzoeken, bij voorrang in aanmerking komen voor: - naar rato, de in lid 3 en lid 4 bedoelde resterende hoeveelheden die nog beschikbaar zijn, waarbij artikel 4, lid 2, niet van toepassing is; - de afgifte, voor de overtollige hoeveelheden, van invoercertificaten die in 1982 kunnen worden gebruikt, maar die bij voorrang in mindering moeten worden gebracht op de voor 1983 geldende contingenten. In vak 20 a) van deze certificaten moet één van de volgende vermeldingen worden aangebracht: - Importafgift: 6 % af vaerdien; sikkerhedsstillelse: svarende til differencen mellem den fulde afgift og beloebet paa 6 % af vaerdien. - Zu erhebende Abschoepfung 6 % des Zollwerts; die bei der Verbringung in den freien Verkehr zu stellende Kaution entspricht der Differenz zwischen der vollstaendigen Abschoepfung und dem Betrag in Hoehe von 6 % des Zollwerts. - Eisforá poy prépei na lamvánetai: 6 % kat' oeaxían; oe asfáleia pros sýstasi katá ti thési se eléftheri efarmogí poy antistoicheí sti diaforá metaxý tis plíroys eisforás kai toy posoý 6 % kat' oeaxían. - Amount to be levied: 6 % ad valorem; security to be lodged: difference between the full levy and that of 6 % ad valorem. - Prélèvement à percevoir 6 % ad valorem; caution à constituer lors de la mise en libre pratique, correspondant à la différence entre le prélèvement plein et le montant de 6 % ad valorem. - Prelievo da riscuotere, 6 % ad valorem; cauzione da costituire all'atto dell'immissione in libera pratica corrispondente alla differenza tra il prelievo intero e l'importo di 6 % ad valorem. - Toe te passen heffing: 6 % ad valorem; de te stellen waarborg komt overeen met het verschil tussen de volledige heffing en het bedrag van 6 % ad valorem. De wijze waarop de waarborg wordt vrijgegeven zal later worden vastgesteld. 7. De invoercertificaten gelden tot en met 31 december 1982. Artikel 4 1. In afwijking van artikel 12, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2042/75 van de Commissie (1), bedraagt de waarborg voor de andere dan de in artikel 3, lid 6, tweede alinea, tweede streepje, genoemde en in deze verordening bedoelde invoercertificaten 15 Ecu per ton. Ingeval, overeenkomstig artikel 2, lid 2, de hoeveelheid waarvoor het certificaat wordt afgegeven kleiner is dan die waarvoor het is aangevraagd, wordt de waarborg voor het verschil in hoeveelheid vrijgegeven. 2. De certificaataanvraag of de certificaataanvragen die door een belanghebbende is of zijn ingediend: - mag of mogen slechts betrekking hebben op een totale hoeveelheid die gelijk is aan ten hoogste 10 % van de resterende hoeveelheid per land of per groep van landen als bedoeld in artikel 1, sub a), eerste, tweede en derde streepje, van Verordening (EEG) nr. 2646/82; - moet of moeten worden ingediend bij de bevoegde instantie van de Lid-Staat waar de belanghebbende gevestigd is. Indien de aanvragen betrekking hebben op hoeveelheden die groter zijn dan de in het eerste streepje bedoelde hoeveelheden, worden zij tot deze hoeveelheid teruggebracht en voor die hoeveelheid geldt het bepaalde in artikel 2, tweede alinea. Artikel 5 Het in de bijlage bij Verordening (EEG) nr. 950/68 opgenomen gemeenschappelijk douanetarief wordt als volgt gewijzigd: 1. ten aanzien van de postonderverdelingen 07.06 A I en 07.06 A II wordt het cijfer 6 in kolom 4 vervangen door de letter (c); 2. onderaan op de bladzijde wordt de volgende voetnoot toegevoegd: »(c) Recht onder bepaalde voorwaarden beperkt tot 6 %.". Artikel 6 1. In vak 14 van de aanvraag om het invoercertificaat en van het afgegeven certificaat moet het derde land worden vermeld dat het land van oorsprong is van het betrokken produkt. Het certificaat brengt de verplichting mee uit dat land in te voeren. 2. In vak 20 a) van de andere dan de in artikel 3, lid 6, tweede alinea, tweede streepje, bedoelde certificaten moet één van de volgende vermeldingen worden aangebracht: - gaelder for (maengde i tal og i bogstaver) - importafgiften begraenses til 6 % af vaerdien (jf. forordning (EOEF) nr. 2655/82) - gueltig fuer (Menge in Zahlen und Worten) - Beschraenkung der Abschoepfung auf 6 % des Zollwerts (Anwendung der Verordnung (EWG) Nr. 2655/82) - oeischýei gia . . . (posótita olográfos kai arithmitikós) - eisforá móno 6 % kat' oeaxían (efarmogí toy kanonismoý (EOK) arith. 2655/82) - Valid for . . . . (quantity, in figures and written out in full) - levy limited to 6% ad valorem (application of Regulation (EEC) No 2655/82) - valable pour . . . . (quantité en chiffres et en lettres) - prélèvement limité à 6 % ad valorem (application du règlement (CEE) no 2655/82) - valido per . . . (quantitativo in cifre e in lettere) - prelievo limitato al 6 % ad valorem (applicazione del regolamento (CEE) n. 2655/82) - geldig voor . . . . (hoeveelheid in cijfers en in letters) - heffing beperkt tot 6 % ad valorem (toepassing van Verordening (EEG) nr. 2655/82). 3. In afwijking van artikel 8, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 3183/80 mag de hoeveelheid die in het vrije verkeer wordt gebracht niet groter zijn dan de in de vakken 10 en 11 van het invoercertificaat vermelde hoeveelheid; daartoe wordt in vak 22 van genoemd certificaat het cijfer 0 ingevuld. Artikel 7 Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen. Zij is van toepassing met ingang van 1 oktober 1982. Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat. Gedaan te Brussel, 1 oktober 1982. Voor de Commissie Poul DALSAGER Lid van de Commissie (1) PB nr. L 281 van 1. 11. 1975, blz. 1. (2) PB nr. L 164 van 14. 6. 1982, blz. 1. (3) PB nr. L 279 van 1. 10. 1982, blz. 81. (4) PB nr. L 338 van 13. 12. 1980, blz. 1. (5) PB nr. L 7 van 12. 1. 1982, blz. 7. (1) PB nr. L 213 van 11. 8. 1975, blz. 5.
