Commission Regulation (EEC) No 253/79 of 9 February 1979 re-establishing the levying of customs duties on knives with cutting blades, serrated or not (including pruning knives), other than knives falling within heading No 82.06, falling within heading No ex 82.09, originating in South Korea to which the preferential tariff arrangements set out in Council Regulation (EEC) No 3156/78 apply
Avis juridique important
31979R0253
Verordening (EEG) nr. 253/79 van de Commissie van 9 februari 1979 houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten van toepassing op messen met snijdend lemmet, ook indien getand (andere dan die bedoeld bij post 82.06, doch zaksnoeimessen daaronder begrepen), van post 82.09, van oorsprong uit Zuid-Korea ten behoeve waarvan bij Verordening (EEG) nr. 3156/78 van de Raad algemene tariefpreferenties werden geopend
Publicatieblad Nr. L 036 van 10/02/1979 blz. 0019 - 0020
++++ VERORDENING ( EEG ) Nr . 253/79 VAN DE COMMISSIE van 9 februari 1979 houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten van toepassing op messen met snijdend lemmet , ook indien getand ( andere dan die bedoeld bij post 82.06 , doch zaksnoeimessen daaronder begrepen ) , van post ex 82.09 , van oorsprong uit Zuid-Korea ten behoeve waarvan bij Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad algemene tariefpreferenties werden geopend DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN , Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad van 29 december 1978 betreffende de opening van tariefpreferenties voor bepaalde produkten van oorsprong uit ontwikkelingslanden ( 1 ) , met name op artikel 4 , lid 2 , Overwegende dat de schorsing van de invoerrechten krachtens artikel 1 , leden 3 en 4 , van genoemde verordening voor elke categorie van produkten , met uitzondering van bepaalde produkten waarvan het plafond op de in bijlage A aangegeven waarden is vastgesteld , wordt toegestaan tot een communautair plafond , uitgedrukt in Europese rekeneenheden , dat gelijk is aan het bedrag voortvloeiende uit de som van , enerzijds , de waarde van de cif-invoer in de Gemeenschap , in 1976 , van de betrokken produkten uit de door deze regeling begunstigde landen en gebieden , met uitzondering van die waarvoor reeds andere door de Gemeenschap toegekende preferentiële tariefstelsels gelden , en , anderzijds , 5 % van de waarde van de cif-invoer in 1976 uit andere landen , alsmede uit die landen en gebieden waarvoor genoemde stelsels reeds gelden ; dat in geen geval het bedrag voortvloeiende uit het bedrag van deze som evenwel hoger mag zijn dan 150 % van het voor 1978 geopende preferentiële plafond ; dat in het kader van dit plafond , de afboekingen van de produkten van oorsprong uit een van de in bijlage B van vermelde verordening genoemde landen en gebieden beperkt dienen te blijven tot een communautair maximumbedrag dat gelijk is aan 50 % van dit plafond , met uitzondering van bepaalde produkten , waarvoor het maximumbedrag wordt gebracht op de in bijlage A van vorengenoemde verordening aangegeven percentages ; dat voor de betrokken produkten het aldus verlaagde percentage 15 bedraagt ; dat overeenkomstig artikel 2 , leden 2 en 3 , van genoemde verordening de heffing van de invoerrechten bij invoer van de betrokken produkten van oorsprong uit een van de genoemde landen en gebieden , met uitzondering van die welke in bijlage C van dezelfde verordening genoemd zijn , op elk moment weer kan worden ingesteld zodra het betrokken maximumbedrag op het vlak van de Gemeenschap wordt bereikt ; Overwegende dat voor messen met snijdend lemmet , ook indien getand ( andere dan die bedoeld bij post 82.06 , doch zaksnoeimessen daaronder begrepen ) , van post ex 82.09 , volgens de op bovenaangehaalde basis verrichte berekeningen , het plafond 3 473 000 Europese rekeneenheden bedraagt en dat derhalve het maximumbedrag 520 950 Europese rekeneenheden bedraagt ; dat op 9 januari 1979 de invoer in de Gemeenschap van messen met snijdend lemmet , ook indien getand ( andere dan die bedoeld bij post 82.06 doch zaksnoeimessen daaronder begrepen ) , van post ex 82.09 , van oorsprong uit Zuid-Korea waarvoor de tariefpreferenties gelden , door afboeking het betrokken maximumbedrag heeft bereikt ; dat derhalve , gezien de doelstelling van genoemde Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 die het in acht nemen van een maximumbedrag voorschrift , wederinstelling van de invoerrechten voor de betrokken produkten ten aanzien van Zuid-Korea geboden is , HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD : Artikel 1 Met ingang van 13 februari 1979 wordt de heffing van de invoerrechten , geschorst krachtens Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad , wederingesteld voor de invoer in de Gemeenschap van de hiernavermelde produkten van oorsprong uit Zuid-Korea : Nr . van het gemeenschappelijk douanetarief * Omschrijving * ex 82.09 * Messen met snijdend lemmet , ook indien gestand ( andere dan die bedoeld bij post 82.06 , doch zaksnoeimessen daaronder begrepen ) * Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen . Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat . Gedaan te Brussel , 9 februari 1979 . Voor de Commissie Etienne DAVIGNON Lid van de Commissie ( 1 ) PB nr . L 375 van 30 . 12 . 1978 , blz . 26 .
