Commission Regulation (EEC) No 1537/77 of 4 July 1977 determining the conditions of entry of bolting cloth, not made up, under subheading 59.17 B of the Common Customs Tariff
Avis juridique important
31977R1537
Verordening (EEG) nr. 1537/77 van de Commissie van 4 juli 1977 houdende vaststelling van de voorwaarden en bepalingen voor de indeling van builgaas, niet geconfectioneerd, onder post 59.17 B van het gemeenschappelijk douanetarief
Publicatieblad Nr. L 171 van 09/07/1977 blz. 0015 - 0016
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 02 Deel 4 blz. 0061
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 4 blz. 0062
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 4 blz. 0062
++++ VERORDENING ( EEG ) Nr . 1537/77 VAN DE COMMISSIE van 4 juli 1977 houdende vaststelling van de voorwaarden en bepalingen voor de indeling van builgaas , niet geconfectioneerd , onder post 59.17 B van het gemeenschappelijk douanetarief DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN , Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 97/69 van de Raad van 16 januari 1969 betreffende de maatregelen die moeten worden getroffen voor de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief ( 1 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 280/77 ( 2 ) , inzonderheid op de artikelen 3 en 4 , Overwegende dat in de bijlage " Gemeenschappelijk douanetarief " van Verordening ( EEG ) nr . 950/68 van de Raad van 28 juni 1968 ( 3 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 1111/77 ( 4 ) , post 59.17 B betrekking heeft op builgaas , ook indien geconfectioneerd ; dat de indeling van builgaas , niet geconfectioneerd , onder deze onderverdeling is onderworpen aan de voorwaarden en bepalingen vast te stellen door de bevoegde autoriteiten ; dat , met het oog op de uniforme toepassing van de Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief , voorschriften noodzakelijk zijn voor het vaststellen van die voorwaarden en bepalingen ; Overwegende dat als enige voorwaarde hiervoor kan worden volstaan met het aanbrengen van herkenningstekens overeenkomstig de ter zake geldende technische voorschriften ; Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité Nomenclatuur van het gemeenschappelijk douanetarief , HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD : Artikel 1 De indeling van builgaas , niet geconfectioneerd , onder post 59.17 B van het gemeenschappelijk douanetarief is slechts mogelijk indien het is voorzien van herkenningstekens zoals in de bijlage is aangegeven . Artikel 2 Deze verordening treedt in werking op 1 januari 1978 . Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat . Gedaan te Brussel , 4 juli 1977 . Voor de Commissie Etienne DAVIGNON Lid van de Commissie ( 1 ) PB nr . L 14 van 21 . 1 . 1969 , blz . 1 . ( 2 ) PB nr . L 40 van 11 . 2 . 1977 , blz . 1 . ( 3 ) PB nr . L 172 van 22 . 7 . 1968 , blz . 1 . ( 4 ) PB nr . L 134 van 28 . 5 . 1977 , blz . 4 . BIJLAGE Wijze waarop builgaas , niet geconfectioneerd , dient te worden voorzien van herkenningstekens Het herkenningsteken , dat bestaat uit een rechthoek met twee diagonalen , dient met regelmatige tussenruimten in beide randen van het weefsel - waarbij de zelfkanten worden vrijgelaten - te worden aangebracht zodanig dat de afstand tussen twee op elkaar volgende tekens , gemeten tussen hun buitenste zijden ten hoogste 1 meter bedraagt en dat de tekens in de ene rand ten opzichte van die in de andere rand telkens met een halve afstand verspringen . ( Het midden van elk teken moet even ver zijn verwijderd van het midden van de dichtst bijzijnde twee tekens die er tegenover liggen in de andere rand ) . Ieder teken moet zo worden aangebracht dat de langste zijden van de rechthoek parallel lopen met de ketting van het weefsel . ( Zie onderstaande schets ) : zie P.b . De dikte van de lijnen die het herkenningsteken vormen bedraagt voor de zijden 5 mm en voor de diagonalen 7 mm . De afmetingen van de rechthoek , gemeten aan de buitenkant van de lijnen , bedragen tenminste 8 cm voor de lengte en 5 cm voor de breedte . De tekens moeten in één kleur worden gedrukt , onuitwisbaar zijn en contrasteren met de kleur van het weefsel .
